direct naar inhoud van Artikel 24 Waarde - Cultuurhistorie 2
Plan: Kern Hilvarenbeek
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0798.KernHilvarenbeek-OH01

Artikel 24 Waarde - Cultuurhistorie 2

24.1 Bestemmingsomschrijving

De op de plankaart voor “Waarde - Cultuurhistorie 2” aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van de aanwezige cultuurhistorische waarden.

24.2 Bouwregels

In afwijking van het bepaalde bij de bestemmingen van artikelen 3 tot en met 17, is bouwen op deze gronden uitsluitend toegestaan ten dienste van de in artikel 24.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende regels:

  • a. de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte' is aangegeven; met dien verstande dat een grotere bouwhoogte is toegestaan voor het realiseren van een dak zoals bedoeld in lid d onder 1;
  • b. de voorgevelbreedte van hoofdgebouwen mag niet meer en niet minder bedragen dan de bestaande voorgevelbreedte;
  • c. uitsluitend is de bestaande nokrichting toegestaan;
  • d. voor de afdekking van hoofdgebouwen geldt dat:
    • 1. zij uitsluitend met een zadeldak of met een schilddak, waarvan de dakhelling ten minste 45° en ten hoogste 60° bedraagt, mogen worden afgedekt;
    • 2. in afwijking van het bepaalde onder 1 zijn eveneens, indien de bestaande situatie afwijkt van het daar bepaalde, het bestaande dak met de bestaande dakhelling toegestaan;
  • e. hoofdgebouwen mogen uitsluitend worden opgericht in de gevellijn.

24.3 Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan, de gemeentelijke monumentencommissie gehoord hebbende, door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in:

  • a. artikel 24.2, onder a en b, mits de afwijking ten hoogste 10% bedraagt;
  • b. artikel 24.2, onder e, mits de afstand tot de gevellijn ten hoogste 2 m bedraagt.

De omgevingsvergunning wordt niet verleend indien daardoor afbreuk wordt gedaan aan de ruimtelijke en functionele karakteristiek.

24.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

24.4.1 Vergunningplicht

Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden van het bevoegde gezag op de in artikel 24.1 bedoelde gronden de volgende andere-werken uit te voeren:

  • a. het bestraten of herstraten van de gronden met de bestemming “Verkeer –verblijfsgebied”, in de zin van herprofilering en/of wijziging van bestratingsmateriaal, het aanbrengen, wegnemen of veranderen van stoepen, stoepranden, stoeppalen of waterpompen daaronder begrepen;
  • b. het bestraten en verharden van de gronden met de bestemming “Groen”;
  • c. het planten van bomen, dan wel het vellen, rooien of vernietigend snoeien van houtopstanden of –gewassen.

24.4.2 Toetsing

Een vergunning als bedoeld in artikel 24.4.1 mag alleen en moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van het ander-werk, mede gelet op de te hanteren materialen, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden en hieraan door het stellen van voorwaarden niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen.

24.4.3 Advies

Een vergunning als bedoeld in artikel 24.4.1 wordt niet verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies hebben ingewonnen bij de welstands/gemeentelijke monumentencommissie omtrent de mogelijke aantasting van de cultuurhistorische waarden.

24.4.4 Uitzondering

De verbodsregels van artikel 24.4.1 geldt niet voor normale onderhoudswerkzaamheden noodzakelijk in verband met het beheer of de voltooiing van werken die op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit plan reeds bestaan of in uitvoering zijn genomen, alsmede werken en/of werkzaamheden die worden of mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende of nog te verlenen vergunning; hieronder wordt mede verstaan:

  • a. het normaal onderhoud, beheer en gebruik overeenkomstig de bestemming;
  • b. het onderhoud van bestaand houtgewas door snoeien en verwijderen van dood hout;
  • c. werken en/of werkzaamheden, die strekken ter behoud of het herstel van de cultuurhistorische, landschaps- of natuurlijke waarden.

24.5 Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk

24.5.1 Vergunningplicht

Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag (omgevingsvergunning) een bouwwerk te slopen.

24.5.2 Toetsing

De in 24.5.1 genoemde vergunning wordt slechts verleend indien en voorzover door de sloopwerkzaamheden geen onevenredige aantasting ontstaat of kan ontstaan van de cultuurhistorische waarden van de omgeving.

24.5.3 Advies

Een vergunning als bedoeld in artikel 24.5.1 wordt niet verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies hebben ingewonnen bij de welstands/gemeentelijke monumentencommissie omtrent de mogelijke aantasting van de cultuurhistorische waarden.

24.5.4 Uitzonderingen

Het in 24.5.1 vervatte verbod geldt niet voor:

  • a. sloopwerkzaamheden waarvoor ten tijde van het van kracht worden van het bestemmingsplan vergunning is verleend;
  • b. sloopwerkzaamheden van ondergeschikte betekenis binnen het op de bestemming gerichte normale onderhoud en beheer;
  • c. sloopwerkzaamheden die op het tijdstip waarop het plan rechtskracht verkrijgt, in uitvoering zijn.