Type plan: bestemmingsplan
Naam van het plan: Beerta
Status: vastgesteld
Plan identificatie: NL.IMRO.1895.05BP0001-0401

Artikel 8 Gemengd

8.1 Bestemmingsomschrijving
De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
  1. detailhandel;
  2. horecabedrijven, categorie I;
  3. maatschappelijke voorzieningen;
  4. publieksgerichte dienstverlening;
  5. wonen, in de vorm van bovenwoningen;
  6. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - vuurwerk' de verkoop van vuurwerk; 

    met de daarbij behorende:
  7. groenvoorzieningen;
  8. nutsvoorzieningen;
  9. water;
  10. verkeers- en verblijfsvoorzieningen.

    In de bestemming zijn niet begrepen:
  • supermarkten en slijterijen;
  • geluidzoneringsplichtige inrichtingen;
  • risicovolle inrichtingen.
8.2 Bouwregels
8.2.1 Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels:
  1. indien aanwezig, mogen de gebouwen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd;
  2. indien geen bouwvlak aanwezig is, dient de voorgevel van het hoofdgebouw voor ten minste 50% van de breedte te worden gebouwd in de aanduiding 'gevellijn';
  3. het bebouwingspercentage van een bouwperceel mag niet meer bedragen dan 50%;
  4. het aantal woningen bedraagt niet meer dan het bestaande aantal;
  5. de bouwhoogte bedraagt niet meer dan 8 meter;
  6. aan- en uitbouwen en bijgebouwen en carports zullen op ten minste 3 meter achter de gevellijn worden gebouwd.
8.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
  1. carports zullen op ten minste 3 meter achter de gevellijn worden gebouwd;
  2. de bouwhoogte bedraagt niet meer dan 6 meter;
  3. niet meer dan 50% van een bouwperceel, voor zover gelegen aansluitend op het bouwvlak, mag worden bebouwd;
  4. de bouwhoogte van terreinafscheidingen bedraagt voor de gevellijn ten hoogste 1 meter en daarachter ten hoogste 2 meter, met dien verstande dat de bouwhoogte op zijerven die grenzen aan een openbare weg (niet zijnde een brandgang tussen twee gebouwen) of openbaar groengebied op een afstand van 1 meter of minder uit de perceelgrens ten hoogste 1 meter bedraagt.
8.3 Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van:
  • de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;
  • het bebouwingsbeeld;
  • de verkeersveiligheid;
nadere eisen stellen aan:
  1. de plaats van gebouwen;
  2. de plaats van bouwwerken, geen gebouwen zijnde.