| Plan: | Bedrijventerrein Enschotsebaan |
|---|---|
| Status: | onherroepelijk |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0855.BSP2009002-e001 |
Externe veiligheid heeft betrekking op de risico's die mensen lopen ten gevolge van mogelijke ongelukken met gevaarlijke stoffen bij bedrijven en transportverbindingen (wegen, spoorwegen, waterwegen en buisleidingen). Omdat de gevolgen van een ongeluk met gevaarlijke stoffen groot kunnen zijn, zijn de aanvaardbare risico's vastgelegd in diverse besluiten, regelingen en andere documenten. De belangrijkste zijn:
Daarnaast is op 28 augustus 2009 het ontwerp van het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) gepubliceerd, met bijbehorende aanbiedingsbrief. Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen.
De normen in de besluiten zijn vastgelegd in de vorm van grenswaarden en richtwaarden. De grenswaarden geven de milieukwaliteit aan die op een bepaald tijdstip ten minste moet zijn bereikt, en die, waar zij aanwezig is, ten minste in stand moet worden gehouden. De richtwaarden geven de kwaliteit aan die op een bepaald tijdstip zoveel mogelijk moet zijn bereikt en die, waar zij aanwezig is, zoveel mogelijk in stand moet worden gehouden. Ruimtelijke ontwikkelingen moeten worden getoetst aan bovengenoemde normen. De ontwikkelingen zijn niet toegestaan als deze leiden tot een overschrijding van de grenswaarden, terwijl van de richtwaarden kan worden afgeweken. Het externe risico wordt uitgedrukt in het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR).
Het plaatsgebonden risico is de kans dat iemand die zich op een bepaalde plaats bevindt, komt te overlijden ten gevolge van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het beleid is er op gericht om geen personen in kwetsbare objecten (zoals woningen, scholen, ziekenhuizen en grote kantoren) en zo min mogelijk personen in beperkt kwetsbare objecten (zoals kleine kantoren en sportcomplexen) bloot te stellen aan een plaatsgebonden risico dat hoger is dan 10-6 per jaar. Het plaatsgebonden risico wordt weergegeven door een lijn op een kaart die de punten met een gelijk risico met elkaar verbindt (zogeheten risicocontour). Nieuwe ontwikkelingen van kwetsbare objecten binnen de risicocontour van 10-6 per jaar zijn niet toegestaan. Nieuwe ontwikkelingen van beperkt kwetsbare objecten zijn ongewenst, maar wel toegestaan indien gemotiveerd kan worden waarom dit noodzakelijk is. Daarnaast dient aangetoond te worden dat er afdoende maatregelen worden genomen om de risico's en de gevolgen van een eventueel ongeval te beperken.
Het groepsrisico is een maat voor de kans dat een bepaald aantal mensen overlijdt als direct gevolg van een ongeval met gevaarlijke stoffen. De hoogte van het groepsrisico hangt af van:
Het groepsrisico wordt weergegeven in een grafiek met op de horizontale as het aantal dodelijke slachtoffers en op de verticale as de kans per jaar op tenminste dat aantal slachtoffers. Welke kans nog acceptabel geacht wordt, is afhankelijk van de omvang van de calamiteit.
Het groepsrisico laat zich niet in de vorm van een risicocontour op een kaart weergeven, maar kan wel worden vertaald in een dichtheid van personen per hectare. Hoe meer personen per hectare in het invloedsgebied van een hier bedoeld ongeval aanwezig zijn, hoe groter het aantal (potentiële) slachtoffers is. Het ijkpunt, waarbinnen gezocht moet worden naar maatschappelijk aanvaardbare grenzen, voor het groepsrisico is vastgelegd in een oriëntatiewaarde. Langs transportverbindingen zijn de oriëntatiewaarden 10-4 per jaar voor 10 slachtoffers, 10-6 per jaar voor 100 slachtoffers, 10-8 per jaar voor 1000 slachtoffers etc.
Op grond van artikel 13 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen is het vereist invulling te geven aan de Verantwoordingsplicht bij het opstellen van een bestemmingsplan als het plangebied is gelegen binnen het invloedsgebied van een risicobron. Voor het groepsrisico ten gevolge van transportbronnen is de Circulaire Risiconormering Vervoer Gevaarlijke Stoffen gepubliceerd. Ook deze circulaire kent het principe van de verantwoordingsplicht.
In het MER heeft er een beoordeling van het aspect externe veiligheid plaatsgevonden waarbij
gebruik is gemaakt van criteria die betrekking hebben op de ligging van de contouren behorend
bij het “plaatsgebonden risico” respectievelijk het “groepsrisico”. Het plaatsgebonden risico levert
bij geen van de alternatieven een belemmering op voor de ontwikkeling van de Overhoeken. Voor
het groepsrisico geldt dat de oriëntatiewaarde naar verwachting niet zal worden overschreden,
maar dat het groepsrisico wel toeneemt, doordat er in de toekomst meer mensen in het gebied
zullen verblijven dan thans het geval is. De gemeente kent bij de planuitwerking een
verantwoordingsplicht over de wijze waarop met dit hogere groepsrisico wordt omgegaan.
Het onderzoek dat ten behoeve van het MER heeft plaatsgevonden is van april 2005 waarbij door Oranjewoud, is het plaatsgebonden- en het groepsrisico voor een drietal situaties bepaald (Oranjewoud, 2005):
In dit onderzoek is uitgegaan van stedenbouwkundig plan voor het gehele gebied en voorziet in totaal in 1930 woningen en een aantal bedrijventerreinen, waarbij aannames zijn gedaan voor de verdeling van de woningen en bedrijven over het gebied. Het onderzoek laat zien dat het plaatsgebonden risico geen belemmeringen vormt voor de voorgenomen plannen (Oranjewoud, 2005). Verantwoording heeft plaatsgevonden in de artikel 19 procedure ten behoeve van het plangebied Enschotsebaan.
Voor het huidige bestemmingsplan heeft een nieuwe berekening plaatsgevonden. In deze berekening, opgesteld door Arcadis op 5 augustus 2010 wordt inzicht gegeven wat de wijziging van industrieterrein in kantoren betekent voor het groepsrisico.
Daarnaast vindt er verantwoording plaats voor de gewijzigde ligging van de naftaleiding.
Een verantwoording bestaat uit de volgende stappen:
In de Bijlage 9 is de uitgebreide verantwoording opgenomen. In deze bijlage zijn de bovengenoemde stappen van de verantwoordingsplicht doorlopen. Hiermee wordt inzicht gegeven in de verandering van de risico's. Dit ter ondersteuning voor het bevoegd gezag om afwegingen en maatregelen die bij dit plan in het kader van externe veiligheid gemaakt zijn te onderbouwen.
Er is in binnen en buiten dit bestemmingsplan risicobronnen aanwezig, het gaat hier over;
De conclusies uit de verantwoordingsparagraaf zijn:
De ontwikkelaar zal rekening houden met de volgende afspraken: