direct naar inhoud van Artikel 7 Bedrijf - Nutsvoorziening
Plan: Buitengebied 2010, bestuurlijke lus
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0823.BPBGfase12010-VG03

Artikel 7 Bedrijf - Nutsvoorziening

7.1 Bestemmingsomschrijving
7.1.1

De voor Bedrijf - nutsvoorziening aangewezen gronden zijn bestemd voor gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, en voorzieningen ten behoeve van het openbaar nut, zoals:

  • a. transformatorgebouwen;
  • b. gebouwen ten behoeve van de gasvoorziening en naar de aard daarmee gelijk te stellen gebouwen;
  • c. zendmasten;
  • d. gemaal;
  • e. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waterstaat – waterbergingsvoorziening' een waterbergingsvoorziening;
  • f. ter plaatse van de aanduiding 'waterberging' een waterberging';
  • g. retentievijver;
  • h. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm bedrijf - waterwinbedrijf' een waterwinbedrijf;
  • i. ter plaatse van de aanduiding 'robuuste ecologische verbinding' de realisatie van een robuust duurzaam ecologisch netwerk;

met ondergeschikt aan a tot en met h:

  • j. ontsluitingswegen;

met de bij a tot en met g behorende:

  • k. terreinen;
  • l. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - waterwinbedrijf' pompgebouwen;
  • m. bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
  • n. nutsvoorzieningen.
7.2 Bouwregels
7.2.1 Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen:

  • a. een gebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd;
  • b. de bouwhoogte van een gebouw mag niet meer dan 4 m bedragen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - waterwinbedrijf' de goothoogte van een gebouw niet meer dan 6 m en de bouwhoogte van een gebouw niet meer dan 14 m mag bedragen;
  • c. voor de situering van gebouwen dient rekening te worden gehouden met het bepaalde in artikel 34;

dan wel de bestaande grotere bouwhoogte en/of goothoogte ten tijde van het in ontwerp ter visie gelegde bestemmingsplan.

7.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:

  • a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen uitsluitend worden gebouwd binnen een bouwvlak;
  • b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 2 m bedragen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm bedrijf - waterwinbedrijf' de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer dan 3 m mag bedragen;
  • c. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waterstaat – waterbergingsvoorziening' mogen per bestemmingsvlak tevens andere bouwwerken ten behoeve van de waterbergingsvoorziening worden toegestaan, waaronder een besturingskastje, met een maximale bouwhoogte van 2 m en een maximale oppervlakte van 4 m²;
  • d. de bouwhoogte van een zendmast mag niet meer dan 50 m bedragen;

dan wel de bestaande grotere bouwhoogte en/of oppervlakte ten tijde van het in ontwerp ter visie gelegde bestemmingsplan.