Type plan: bestemmingsplan
Naam van het plan: Kernen Zederik
Status: vastgesteld
Plan identificatie: NL.IMRO.0707.BPKernenZederik-VA01

3.2 Provinciaal beleid

3.2.1 Visie op Zuid-Holland - Structuurvisie
In juli 2010 is de 'Visie op Zuid-Holland' vastgesteld. Eén van de onderdelen van deze visie is de Structuurvisie 'Ontwikkelen met schaarse ruimte'. In deze structuurvisie beschrijft de provincie haar doelstellingen en provinciale belangen.
 
De kern van de structuurvisie is het versterken van samenhang, herkenbaarheid en diversiteit binnen Zuid-Holland. Dit draagt bij aan een goede kwaliteit van leven en een sterke economische concurrentiepositie. De provincie noemt in de structuurvisie vijf integrale en ruimtelijk relevante hoofdopgaven:
  1. Aantrekkelijk en concurrerend internationaal profiel;
  2. Duurzame en klimaatbestendige deltaprovincie;
  3. Divers en samenhangend stedelijk netwerk;
  4. Vitaal, divers en aantrekkelijk landschap;
  5. Stad en land verbonden.  
Naast het bieden van ruimte aan en het ordenen van functies richt de visie zich nadrukkelijk ook op de ruimtelijke kwaliteiten. Dit komt tot uitdrukking in de provinciale belangen. Deze hebben zowel betrekking op functionele als kwalitatieve aspecten. Deze aspecten worden in beeld gebracht op een functiekaart en een kwaliteitskaart. De functiekaart geeft de gewenste ruimtelijke functies weer die in de structuurvisie zijn geordend, begrensd en vastgelegd als ruimtelijk beleid tot 2020. Op de kwaliteitskaart staan daarnaast zowel de bestaande als gewenste kwaliteiten benoemd op een globale, regionale schaal.
 
Planspecifiek
Voorliggend bestemmingsplan betreft bestaand stedelijk gebied en heeft overwegend een conserverend karakter. Op dit gebied zijn de hoofdopgaven 1 en 4 uit de structuurvisie van toepassing (zie voorgaande tekst).
 
Aantrekkelijk en concurrerend internationaal profiel
De provincie wil in 2020 de woon-, werk- en leefomgeving voor haar inwoners hebben versterkt. Zij streeft naar een aantrekkelijk en concurrerend internationaal profiel. Versterken van de economische positie staat centraal. Voor Zuid-Holland is het belangrijk om werkgelegenheid en bedrijvigheid te behouden en aan te trekken. Het accent ligt hierbij op kennisontwikkeling en handel.
 
Vitaal, divers en aantrekkelijk landschap
Binnen de grenzen van Zuid-Holland liggen omvangrijke delen van de open ruimte van de Randstad, waaronder het grootste deel van het Groene Hart. De combinatie van diverse landschappen dicht bij elkaar is uniek in Europa. In de grote landschappelijke eenheden zet de provincie zich in voor behoud van leefbaarheid en economische vitaliteit van het landelijk gebied. De landbouw is voor die vitaliteit een belangrijke factor, zowel economisch gezien als wat betreft landschappelijke kwaliteit. De belangrijkste kernkwaliteiten in deze gebieden zijn diversiteit, openheid, rust en stilte.
 
De afbeeldingen 3.1 en 3.2 tonen daarnaast uitsneden van de functiekaart en de kwaliteitskaart uit de structuurvisie 'Visie op Zuid-Holland, ontwikkelen met schaarse ruimte'.
 
Afbeelding 3.1: Uitsnede functiekaart structuurvisie
 
Afbeelding 3.2: Uitsnede kwaliteitskaart structuurvisie
 
De verschillende kernen van Zederik zijn op de functie- en kwaliteitskaart grotendeels aangewezen als 'stads- en dorpsgebied' en als 'dorpskern', een kleinschalig stads- en dorpsgebied omgeven door landelijk gebied. Een stads- en dorpsgebied is een aaneengesloten bebouwd gebied, waarin de functies wonen, werken en voorzieningen gemengd en gescheiden voorkomen.
 
3.2.2 Visie op Zuid-Holland - Verordening Ruimte
In juli 2010 is de 'Visie op Zuid-Holland' vastgesteld. Eén van de onderdelen van deze visie is de Verordening Ruimte. In deze verordening stelt de provincie regels aan ruimtelijke ontwikkelingen.
 
De Verordening Ruimte draagt bij aan het realiseren van de provinciaal ruimtelijke belangen en doelen zoals die benoemd zijn in de structuurvisie 'Visie op Zuid-Holland, ontwikkelen met schaarse ruimte'. De Verordening Ruimte bevat tevens instructieregels die van belang zijn voor de gemeente bij het opstellen van hun bestemmingsplannen. De verordening omvat in aanvulling op de structuurvisie toetsbare criteria van provinciaal belang waaraan planvorming moet voldoen. In de Verordening Ruimte zijn regels opgenomen over bebouwingscontouren, agrarische bedrijven, kantoren, bedrijventerreinen, detailhandel, waterkeringen, milieuzonering, lucht- en helihavens, molen- en landgoedbiotopen.
 
Planspecifiek
Het plangebied is gelegen binnen bestaand stedelijk gebied. Vanuit de Verordening ruimte zijn vooral de regels met betrekking tot de bebouwingscontouren, kantoren en detailhandel van toepassing op dit bestemmingsplan.
 
Bebouwingscontouren
De provincie kiest ervoor om verstedelijking zoveel mogelijk in bestaand bebouwd gebied te concentreren, middels bebouwingscontouren. In de Verordening Ruimte zijn geen artikelen opgenomen die een uitspraak doen over bebouwing binnen de bebouwingscontour. Verstedelijking buiten deze ‘rode contour’ is in principe niet toegestaan. De bebouwingscontouren vormen een hard kader bij ontwikkelingen in de kernen. Hiermee worden investeringen in de gebouwde omgeving gebundeld, waardoor de kwaliteit van het bebouwde gebied behouden blijft en versterkt wordt. De bebouwingscontouren zijn getrokken om de kernen, rekeninghoudende met plannen waar de provincie al mee heeft ingestemd en waarbinnen de woningbouwopgave tot 2020 kan worden geaccommodeerd. De strakke bebouwingscontouren hebben consequenties voor de verschijningsvom van de kernen. Door de noodzaak van woningbouw worden de mogelijke inbreidlocaties benut. Het behouden van het plattelandskarakter wordt lastiger wanneer de dorpen met stedelijke dichtheid bebouwd moeten worden. Op afbeelding 3.3 zijn de bebouwingscontouren rondom de kernen van de gemeente Zederik weergegeven.
 
Afbeelding 3.3: Bebouwingscontouren     
Kantoren
Uitgangspunt van het beleid is dat kantoren gevestigd moeten worden op locaties die goed ontsloten zijn door het openbaar vervoer. In de verordening is dit vastgelegd door de bepaling dat het moet gaan om bestaande haltes aan het Zuidvleugelnet. Kantoren kunnen worden gevestigd op locaties die binnen 10 minuten te voet of met hoogfrequente lightrail-, tram- of busverbindingen bereikbaar zijn vanaf een halte van het Zuidvleugelnet. In de verschillende kernen van Zederik wordt niet aan deze voorwaarde voldaan. Nieuwvestiging van kantoren groter dan 1.000 m2 BVO is daardoor in principe niet toegestaan.
 
Detailhandel
Het detailhandelsbeleid van de provincie heeft als doelstelling de detailhandelsstructuur te versterken en de dynamiek in de sector te bevorderen. Uitgangspunt is dat nieuwe detailhandel gevestigd moet worden in bestaande winkelgebieden in de centra van steden, dorpen en wijken of nieuwe wijkgebonden winkelcentra. In de verordening wordt op deze regel met betrekking tot grootschalige detailhandel echter een uitzondering gegeven. Grootschalige detailhandel is mogelijk, mits het gaat om een individueel bedrijf en er geen nieuwe detailhandelsconcentratie ontstaat en het aandeel detailhandel niet meer bedraagt dan 10% van het totale oppervlak van het bedrijventerrein. Voor de vestiging van grootschalige detailhandel op de bedrijventerreinen in het plangebied is derhalve in de regels binnen de bestemming 'Bedrijventerrein' en afwijkingsbevoegdheid opgenomen.
3.2.3 Woonvisie 2011-2020
Op 12 oktober 2011 hebben Provinciale Staten van Zuid-Holland de Woonvisie 2011-2020 vastgesteld. Met de woonvisie wil de provincie richting geven aan de ontwikkeling van een aantrekkelijk leefklimaat in Zuid-Holland, nu en in de toekomst. De economisch andere omstandigheden en een structurele verandering van de woningmarkt vraagt om ander beleid. Met name in het landelijke gebied moet op grond van demografische data rekening gehouden worden met eventuele krimp.
 
De voornaamste ambitie op het gebied van wonen is dat woningen passend zijn voor de huishoudens die ze bewonen. Met dat uitgangspunt in het achterhoofd zijn vijf ambities geformuleerd:
  • Regionale verscheidenheid behouden en benutten;
  • Provincie stelt kaders voor de lange termijn; regionaal vindt uitwerking plaats;
  • Voldoende goed woningaanbod voor iedereen;
  • Niet meer woningen bouwen dan nodig zijn;
  • Toevoegingen en impulsen dragen bij aan een verbetering van de leefbaarheid.
Kwantitatief wordt ingespeeld op een passend woningaanbod voor iedereen en niet meer woningen dan nodig. Kwalitatief wordt ingezet op toevoegingen en impulsen die bijdragen aan een verbetering van de leefbaarheid en het stellen van kaders waardoor innovatie mogelijk wordt.
 
Planspecifiek
De regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden is door de provincie aangewezen als anticipeergebied: een gebied waar de komende decennia mogelijk bevolkingskrimp plaatsvindt, waardoor de leefbaarheid en daarmee de sociaaleconomische vitaliteit onder druk komen te staan. Kwantiteit en kwaliteit van nieuwe woningbouw moet daarom zorgvuldig worden afgewogen. Er moeten niet meer woningen worden gepland dan nodig. De provincie blijft hierbij vasthouden aan de Woningbehoeftenramingen (WBR). Voor het Groene Hart is de inzet hierbij maximaal WBR2010. Dit komt neer op 12.100 woningen.