direct naar inhoud van Artikel 13 Leiding - Hoogspanningsverbinding
Plan: Industrieterrein Budel-Dorplein bestaand
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1706.BDO1004-VAS1

Artikel 13 Leiding - Hoogspanningsverbinding

13.1 Bestemmingsomschrijving

De als 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor:

  • a. het bovengrondse transport van elektrische energie door een hoogspanningsleiding;
  • b. met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
  • c. veiligheidszones;
  • d. terreinen.
13.2 Bouwregels
13.2.1 Gebouwen

Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.

13.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Uitsluitend toegestaan zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de bovengrondse hoogspanningsleiding:

  • a. maximaal 3 m voor erf- en terreinafscheidingen;
  • b. maximaal 65 m voor hoogspanningsmasten;
  • c. maximaal 3 m voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
13.3 Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.2 en toestaan dat binnen de beschermingszone bouwwerken worden gebouwd, mits

  • a. de belangen van de leiding niet onevenredig worden geschaad;
  • b. bij de beheerder van de betreffende leiding advies wordt ingewonnen.
13.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
  • a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning het volgende werk, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren:
    • 1. het vellen of rooien van hoogopgaande beplantingen of bomen;
    • 2. het aanbrengen van hoogopgaande beplantingen of bomen;
    • 3. het aanbrengen van bovengrondse constructies, installaties of apparatuur hoger dan 2,5 m;
    • 4. het ophogen of opslaan van materialen of goederen boven een maat van 2,5 m;
    • 5. het wijzigen van het maaiveldniveau door ontgronding of ophoging.
  • b. Het in lid 13.4 sub a bedoelde verbod is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die:
    • 1. het normale onderhoud en beheer van de aanwezige leiding(en) betreffen en voorzover het betreft het hiervoor in lid 13.4 sub a onder 2 en 3 bepaalde, indien dit in het kader van de eerder aangewezen bestemming tot het normale onderhoud en beheer behoort;
    • 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan of waar reeds een vergunning voor verleend is;
    • 3. het vellen en/of rooien van houtgewas bij wijze van verzorging van de aanwezige houtopstanden betreffen.
  • c. Een werk en werkzaamheden als bedoeld in lid 13.4 sub a zijn slechts toelaatbaar, indien door werk of werkzaamheden dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen geen onevenredige aantasting van de belangen van de hoogspanningverbinding ontstaat of kan ontstaan.
  • d. Alvorens te beslissen omtrent een vergunning als bedoeld in lid 13.4 sub a wordt bij de beheerder van de betreffende hoogspanningverbinding advies ingewonnen.