direct naar inhoud van 8.3 Beroepsprocedure
Plan: Bebouwde kom Bruinisse
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1676.00026BpAwk-va01

8.3 Beroepsprocedure

Na de vaststelling is door vier partijen beroep aangetekend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Op 19 november 2014 heeft de Afdeling een tussenuitspraak gedaan. Hierin is door de Afdeling geconstateerd dat het bestemmingsplan op drie punten nader gemotiveerd danwel aangepast dient te worden. De gemeente heeft van de Afdeling 26 weken de tijd gekregen om de geconstateerde gebreken te herstellen.

8.3.1 Tussenuitspraak

Op 19 november 2014 is een tussenuitspraak gedaan door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (Bijlage 7). Dit betekent dat er nog geen definitieve uitspraak is gedaan, maar dat de gemeente de opdracht heeft gekregen om het bestemmingsplan op een aantal punten beter te onderbouwen of te heroverwegen. De volgende beroepsgronden moeten nog beter worden onderbouwd of heroverwogen:

  • 1. Ten aanzien van twee woningen (Zijpe 1 en 3) is onvoldoende onderzocht of zich door de gevolgen van cumulatie van geluid van bedrijfsactiviteiten op de loskade en op het bedrijventerrein geen onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat ter plaatse van de woningen zal voordoen.
  • 2. Ten aanzien van één woning (Zijpe 1) is onvoldoende onderzocht of zich door het afwijken van de richtafstanden voor bedrijven en milieuzonering geen onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning zal voordoen. Verder is uitgegaan van een maximaal toegestane geluidsgrenswaarde van 55 dB(A), als gevolg van de activiteiten op de loswal, behorende bij woningen gelegen op het bedrijventerrein. Omdat de betreffende woning bestemmingsplanmatig niet op het bedrijventerrein is gelegen, moet uitgegaan worden van 50 dB(A) op de gevel.
  • 3. Ten aanzien van één perceel is onvoldoende aannemelijk gemaakt waarom MZI-opslag op het betreffende perceel niet wordt toegestaan.
8.3.2 Nieuw raadsbesluit

Naar aanleiding van de tussenuitspraak heeft de gemeenteraad het vastgestelde bestemmingsplan Bebouwde kom Bruinisse van 27 juni 2013 in haar vergadering van 26 maart 2015 gedeeltelijk herzien. In Bijlage 9 zijn dit raadsvoorstel en het raadsbesluit opgenomen. Ten aanzien van de drie geconstateerde gebreken is het bestemmingsplan daarbij als volgt gewijzigd:

Cumulatie van geluid

Er is een aanvullend akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de gevolgen van cumulatie van geluid als gevolg van bedrijfsactiviteiten op de loswal, het bedrijventerrein en in de Vluchthaven op de woningen Zijpe 1 en 3 (Bijlage 8). In dit onderzoek is uitgegaan van een worst case scenario, waarbij tegelijkertijd op de loswal, in de Vluchthaven en op alle percelen op het bedrijventerrein geluid geproduceerd wordt uitgaande van de maximaal toelaatbare bedrijfscategorie In het rekenmodel is uitgegaan van een richtwaarde van 50 dB(A) op de richtafstand, dit is tevens de grenswaarde die op grond van het Activiteitenbesluit geldt op de gevel van de woning Zijpe 1. Op de gevel van de woning Zijpe 3 geldt volgens het Activiteitenbesluit formeel een hogere grenswaarde (55 dB(A)), maar deze kan door de aanwezigheid van Zijpe 1 in de praktijk niet worden gehaald. Door uit te gaan van 50 dB(A) is uitgegaan van een worst case scenario voor de omliggende bedrijfsactiviteiten. In de berekende waarden is geen rekening gehouden met afschermende werking van aanwezige gebouwen en dijklichamen.

Uit dit onderzoek blijkt dat de maximale geluidsbelasting op de gevel van de woningen aan het Zijpe 1 en 3 respectievelijk 54 dB(A) en 56 dB(A) is. De geluidsbelasting op de gevel van Zijpe 1 blijft hiermee 1 dB(A) onder het geluidsniveau dat op grond van de handreiking bedrijven en milieuzonering van de VNG is toegestaan (stap 3). Er is hierdoor sprake van een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning Zijpe 1.

Het cumulatief geluidsniveau op de gevel van Zijpe 3 is berekend op 56 dB(A), 1 dB(A) hoger dan het geluidsniveau dat op grond van de handreiking bedrijven en milieuzonering van de VNG is toegestaan (stap 3). Echter deze woning is gelegen op het bedrijventerrein, dat is een situatie waar de handreiking niet in voorziet. In het Activiteitenbesluit is 55 dB(A) als grenswaarde opgenomen voor het geluidsniveau op de gevel van woningen gelegen op een bedrijventerrein. Deze grenswaarde geldt voor elke individuele inrichting. Cumulatief zal er op de gevel in zo'n geval sprake zijn van een hoger geluidsniveau, ook hoger dan de voor deze situatie berekende 56 dB(A). Dit wordt algemeen aanvaardbaar geacht voor woningen gelegen op een bedrijventerrein. In dit specifieke geval wordt de woning Zijpe 3 door de aanwezigheid van de andere woningen in de omgeving (die wel buiten het bedrijventerrein zijn gelegen), akoestisch minder belast dan wanneer het de enige woning in de omgeving zou zijn. Er is hierdoor sprake van een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning Zijpe 3.

Aanpassing milieuzonering en beoordeling geluidsniveau

In de tussenuitspraak heeft de afdeling aangegeven dat ten onrechte is gesteld dat vanwege het feit dat Zijpe 1 als bedrijfswoning is aangemerkt, geen rekening met de woning behoeft te worden gehouden bij het toepassen van de milieuzonering. Reden hiervoor is dat de bedrijfswoning buiten het bedrijventerrein is gelegen. Naar aanleiding hiervan is de milieuzonering van het bedrijventerrein rondom de woning Zijpe 1 aangepast, waarbij dezelfde richtafstanden worden gehanteerd als bij andere woningen buiten het bedrijventerrein. De milieuzonering is daarmee in overeenstemming gebracht met de richtlijnen uit de VNG-brochure Bedrijven en milieuzonering (2009).

Uit het akoestisch onderzoek voor de loswal (Bijlage 1) blijkt dat de woning Zijpe 1 binnen de 50 dB(A)-contour ligt voor wat betreft het geluid afkomstig van de activiteiten op de loswal. Daarbij moet worden opgemerkt dat in de gewijzigde situatie met betrekking tot de milieuzonering ook aan de richtafstand uit de handreiking bedrijven en milieuzonering wordt voldaan.

Ook voor andere bedrijfsmatige activiteiten in de omgeving van de woning wordt aan de richtafstand voldaan. Er is sprake van een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning Zijpe 1.

MZI-opslag

De reden om MZI-opslag op dit perceel niet toe te staan was gelegen in het feit dat nog onvoldoende duidelijk is of er geen onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat van de woningen in de omgeving zal ontstaan door de opslag van MZI's. Dit is vooral gelegen in het feit dat er nog geen onderzoek beschikbaar is waaruit blijkt welke hinderafstanden met betrekking tot het aspect geur reëel zijn voor dit specifieke onderdeel van de bedrijfsvoering van mosselteeltbedrijven. Dergelijk onderzoek kan niet worden uitgevoerd binnen de door de afdeling opgelegde periode van 26 weken waarbinnen het gebrek moet worden hersteld. Om die reden is op de verbeelding de opslag van mosselzaadinvanginstallaties op het betreffende perceel toegestaan middels het opnemen van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijventerrein - mzi-opslag'.