direct naar inhoud van 5.2 Archeologie en cultuurhistorie
Plan: Partiële herziening buitengebied Wisch 2009
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1509.BP000028-DE01

5.2 Archeologie en cultuurhistorie

5.2.1 Archeologie

Naar aanleiding van het verdrag van Malta heeft de Nederlandse overheid toegezegd de bodemschatten zo goed mogelijk in kaart te brengen en deze, wanneer van toepassing, te onderzoeken wanneer zich hiervoor de kans aanbied. De gemeente Oude IJsselstreek is naar aanleiding hiervan bezig met een cultuurhistorische en archeologische waardenkaart, die een inschatting geeft van de positie en trefkans van bodemschatten. Dit plan is echter nog in ontwerp. Toch zijn er voldoende inzichten om in de gemeente aan te geven waar de kans op archeologische vondsten behoorlijk zeker is. Op basis van de Indicatieve Kaart voor Archeologische Waarden (IKAW) is in dit plan aangegeven voor welke (delen van) percelen een archeologische verwachtingswaarde van toepassing is. Voor de meeste locaties in het plangebied geldt een gemiddelde verwachtingswaarde. Bodemingrepen in dit gebied dienen archeologisch te worden begeleid. Bij grootschalige bodemingrepen wordt gesteld dat vooraf aan de werkzaamheden een archeologisch (voor)onderzoek uitgevoerd moet worden.

Daar waar dit van toepassing is, is aan gronden de dubbelbestemming "waarde - archeologie" toegekend. De regels van het plan stellen in die gevallen extra voorwaarden aan ontwikkelingen in die gronden, zodat het risico van verstoring van cultuurhistorisch en/of archeologisch waardevolle voorwerpen weggenomen wordt.

5.2.2 Cultuurhistorie
5.2.2.1 Landschap

Cultuurhistorie gaat over menselijke ingrepen die zichtbaar zijn in het landschap. Zowel landschap als bebouwing kan van cultuurhistorisch belang zijn. Het cultuurhistorisch waardevolle landschap betreft voornamelijk elementen die karakteristiek zijn voor de omgeving. Hierbij valt te denken aan een houtwallenlandschap of aan bepaalde reliëfstructuren van de bodem. De onderlegger voor de waardering van het landschap is het landschapsontwikkelingsplan. Het landschapsontwikkelingsplan onderscheid de gemeente in diverse soorten landschappen (ensembles). Het ensemble van toepassing voor dit plan zijn de hoge zandgronden rond varsseveld. Het oostelijk deel van dit ensemble bestaat voornamelijk uit kampenlandschap en oude heideontginningen, en wordt doorsneden door beeklopen en heeft een dicht netwerk van wegen. Dit gebied kent enkele kernen, waarvan Varsseveld de grootste is. Het zuidelijk deel onderscheid zich door rechte ontginning, die hier in het verleden heeft plaatsgevonden. Ook in de heideontginningen hebben wegen en percelen rechtlijnige patronen. Langs de wegen staan elzen, essen, eiken en berken soms met een onderbegroeiing van struiken. Langs greppels en slootjes in het veld staan elzensingels. Ook elders zijn de meeste wegen omzoomd door bomen (eiken, essen en linden). De landbouw in het gebied is intensief en veelal grondgebonden. De ooit fijnmazige dooradering van het kampenlandschap met houtkanten en heggen is grotendeels verdwenen. Verspreid door het landschap liggen kleine bosjes en solitaire bomen, veelal eiken. Rondom Heelweg ligt een van nature nat gebied. Dit komt door de ontginning van de vroegere elzenbroeken die daar waren. Omdat het gebied van nature nat was, kregen de hoger gelegen wegen namen als ‘Hiddinkdijk’. Doordat de Halse Rug de waterscheiding vormt zijn hier veel bovenloopjes van beken te vinden, die door de Varsseveldse Sloot worden afgevoerd naar de Boven-Slinge. Ook zijn hier nog veel zandwegen aanwezig.

De functioneel-ruimtelijke karakteristiek wordt opgedeeld in vier soorten. Allereerst is daar de rand van het zand. Hier ligt de overgang van het zandgebied naar de zone van de Oude IJssel. Het is een verweven gebied met landbouwbedrijven, waterlopen en woningen. De tweede functioneel-ruimtelijke karakteristiek is het agrarische zandgebied. Dit is een gebied met veel verspreide boerderijen en dorpen tussen landbouwgronden. De ecologische hoofdstructuur en verbindingszones vormen de derde karakteristiek. Slangenburg, Noorderbroek en het Aaltense Goor, tussen het Noorderbroek en de Aa-strang via het Idinkbos, het Anholterbroek en ‘t Venne. Als vierde is daar het Zwarte Veen; een open, agrarisch gebied met relatief hoge waterstanden.

afbeelding "i_NL.IMRO.1509.BP000028-DE01_0001.jpg"

De aanwezige waarden in het plangebied worden aangeduid door toepassing van de bestemming "Agrarisch met waarden". De juridische consequenties hieraan verbonden betreffen een striktere toetsing van nieuwe ontwikkelingen in een gebied met cultuurhistorische waarden. Daarnaast is in het aanlegvergunningstelsel opgenomen dat voordat wijzigingen aangebracht worden in het landschap eerst een aanlegvergunning door burgemeester en wethouders moet worden afgegeven alvorens werken mogen worden uitgevoerd.

5.2.2.2 Monumenten

In het plangebied zijn geen Rijksmonumenten aanwezig. Wel is een aantal panden aangewezen als gemeentelijk monument ingevolge de gemeentelijke monumentenverordening.

Nr.   Adres   Onderdeel   Plaats  
1   Veenweg 51   boerderij Bievink   Heelweg  
2   Idinkweg 15   boerderij Idink   Sinderen  
3   Kapelweg 13   boerderij "De Wildenbeest"   Sinderen  
4   Sinderenseweg 59   vml. pastorie   Sinderen  
5   Wissinklaan 16   boerderij' "'t Wissink"   Sinderen  
6   Doetinchemseweg 135   Huize Tandem   Westendorp  

De bescherming van deze monumenten wordt geregeld in de verordening en maakt een regeling via het bestemmingsplan daarmee overbodig.