direct naar inhoud van Regels
Plan: Paraplu- en herstelbeheersverordening Deurne 2021
Status: vastgesteld
Plantype: beheersverordening
IMRO-idn: NL.IMRO.0762.BV202001-C001

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Van toepassing verklaring

Deze Paraplu- en herstelbeheersverordening is van toepassing op alle beheersverordeningen van de gemeente Deurne. Al deze plannen worden aangevuld met ofwel gedeeltelijk buiten werking gezet door de regels van deze 'Paraplu- en herstelbeheersverordening Deurne 2021'. Voor zover de onderliggende beheersverordening geen bepaling kent, gelden de regels uit deze beheersverordening als aanvulling. Voor zover de onderliggende beheersverordening wel een bepaling kent, wordt deze vervangen door de regels van deze 'Paraplu- en herstelbeheersverordening Deurne 2021'. Alleen artikel 2 sub 1 en 2 zijn expliciet gekoppeld aan de regels van onderhavige 'Paraplu- en herstelbeheersverordening Deurne 2021'.

Voor de toepassing van de bepalingen uit de onderliggende beheersverordeningen en voor zover het betreft andere onderwerpen dan die in onderhavige paraplu- en herstelbeheersverordening zijn weergegeven, blijven de bepalingen uit de vigerende beheersverordeningen van kracht. De vigerende beheersverordeningen behouden daarmee grotendeels hun werking.

Beheersverordening   Identificatienummer   Datum inwerking / onherroepelijk  
Heiakker e.o. / Noordrand   NL.IMRO.0762.BV201503-C001   24-2-2017  
Houtenhoek/Schutsboom-de Romein   NL.IMRO.0762.BV201501-C001   5-8-2016  
Sint Jozefparochie   NL.IMRO.0762.BV201401-C001   24-7-2015  
Willibrordhaeghe   NL.IMRO.0762.BV201601-C001   21-4-2017  
Zeilberg   NL.IMRO.0762.BV201402-C001   24-7-2017  

Artikel 2 Begrippen

2.1 plan

de beheersverordening “Paraplu- en herstelbeheersverordening Deurne 2021” met identificatienummer NL.IMRO.0762.BV202001- C001 van de gemeente Deurne.

2.2 beheersverordening

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en bijbehorende bijlagen.

2.3 agrarisch grondgebruik

het bedrijfsmatig gebruik van gronden voor het telen van gewassen en/of het weiden van dieren alsmede het gebruik van gronden voor het weiden van hobbymatig gehouden dieren.

2.4 arbeidsmigranten

personen die hun vaste woon- en verblijfplaats niet in Nederland hebben maar die tijdelijk (maximaal één jaar), in Nederland verblijven, om hier betaalde werkzaamheden te verrichten.

2.5 bedrijventerrein

aaneengesloten terrein voor de bedrijfsmatige uitoefening van industriële, logistieke, ambachtelijke en dienstverlenende activiteiten en groothandel met de daarbij behorende voorzieningen, bedoeld voor de vestiging van meerdere bedrijven.

2.6 bedrijfs-/dienstwoning

een woning in of bij een gebouw of op een terrein, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden of maximaal vier personen die geen huishouden vormen, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein noodzakelijk is.

2.7 bestaand:
  • a. bij bebouwing: bouwwerken zoals legaal aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van de beheersverordening, dan wel die mag worden gebouwd krachtens een onherroepelijke omgevingsvergunning;
  • b. bij gebruik: het gebruik van grond en opstallen, zoals legaal aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van de beheersverordening, dan wel gebruik dat is toegestaan krachtens een onherroepelijke omgevingsvergunning.
2.8 eigen bedrijf

hoofdvestiging inclusief eventuele nevenvestigingen en kan dus verschillende locaties betreffen.

2.9 erf

al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover een beheersverordening of een beheersverordening van toepassing is, deze die inrichting niet verbieden(definitie volgens artikel 1 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor)).

2.10 evenement

voor publiek toegankelijke verrichting op, in ieder geval, het gebied van kunst, ontwikkeling, ontspanning, sport of vermaak, alsmede grootschalige herdenkingsplechtigheden, tentoonstellingen, optochten, kermissen, circussen, filmopnamen en feesten of daarmee gelijk te stellen activiteiten.

2.11 garagebox

een zelfstandig gebouw in gebruik als afsluitbare stallings- en/of bergplaats, dus niet zijnde een bijgebouw bij een woning.

2.12 grootschalige huisvesting

huisvesting van meer dan 10 personen.

2.13 huishouden

een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of willen voeren, waar bij een gemeenschappelijke huishouding sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan (kamerverhuur wordt daaronder niet begrepen); indien sprake is van één persoon, spreekt men eveneens van een (zij het één-persoons)huishouden.

2.14 huisvesting arbeidsmigranten
  • a. Structurele huisvesting: het huisvesten van arbeidsmigranten over een aaneengesloten periode van zes maanden of meer per kalenderjaar.
  • b. Tijdelijke huisvesting: het huisvesten van arbeidsmigranten voor een periode van maximaal zes maanden per kalenderjaar ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering.
2.15 normenset Keurmerk SNF

de door Stichting Normering Flexwonen vastgestelde norm voor de huisvesting van arbeidsmigranten (versie 8.0, d.d. 1 september 2019) met dien verstande dat indien voornoemde normenset wordt gewijzigd, een aanvraag moet voldoen aan de nieuwe normen.

2.16 standplaats

het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel. Een standplaats wordt dagelijks verwijderd en is geen bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning bouwen nodig is;

2.17 wonen

huisvesting in een woning.

2.18 woning

een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden of maximaal vier personen die geen huishouden vormen.

2.19 woonunit

een zelfstandig verplaatsbaar gebouw, bestaande uit één bouwlaag, geschikt en ingericht ten dienste van woon-, dag-, of nachtverblijf van een of meer personen.

Artikel 3 Wijze van meten

3.1 inhoud van een bouwwerk

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

3.2 ondergrondse (verticale) bouwdiepte van een bouwwerk

vanaf het peil tot de afgewerkte vloer van het ondergrondse (deel van het) bouwwerk.

3.3 peil
  • a. voor gebouwen die onmiddellijk aan de weg grenzen: de hoogte van die weg;
  • b. in andere gevallen en voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld, voor aanvang van de bouwwerkzaamheden, het oorspronkelijke maaiveld.

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Artikel 4 Gemengd-2

De regels van de beheersverordening 'Houtenhoek/Schutsboom-de Romein' voor de bestemming 'Gemengd-2' worden als volgt gewijzigd:

  • a. in artikel 5.1 (Omschrijving besluitvlak), sub a wordt de tekst 'wonen, uitsluitend op de verdiepingen' vervangen door 'wonen in woningen, uitsluitend op de verdiepingen'.

Artikel 5 Wonen - Watermolen

De regels van de beheersverordening 'Heiakker e.o./Noordrand' voor de bestemming 'Wonen-Watermolen' worden als volgt gewijzigd:

  • a. in artikel 21.1 (Omschrijving besluitvlak), sub b wordt de tekst 'wonen' vervangen door 'wonen in woningen, uitsluitend op de verdiepingen.

Artikel 6 Woongebied

6.1 Woongebied in beheersverordening 'Heiakker e.o./Noordrand'

De regels van de beheersverordening 'Heiakker e.o./Noordrand' worden als volgt gewijzigd:

  • a. aan artikel 10.1 (Bestemmingsomschrijving) wordt een nieuw lid b toegevoegd: 'bestaande garageboxen';
  • b. aan artikel 10.2.2 (Hoofdgebouwen) wordt een nieuw lid j toegevoegd: 'in afwijking van het bepaalde onder a t/m i mag de afmeting van een bestaande garagebox niet meer bedragen dan als bestaand aanwezig'.
6.2 Woongebied in beheersverordening 'Houtenhoek/Schutsboom-de Romein'

De regels van de beheersverordening 'Houtenhoek/Schutsboom-de Romein' worden als volgt gewijzigd:

  • a. aan artikel 10.1 (Bestemmingsomschrijving) wordt een nieuw lid b toegevoegd: 'bestaande garageboxen'
  • b. aan artikel 10.2.2 (Hoofdgebouwen) wordt een nieuw lid j toegevoegd: 'in afwijking van het bepaalde onder a t/m i mag de afmeting van een bestaande garagebox niet meer bedragen dan als bestaand aanwezig'

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Artikel 7 Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 8 Specifieke bouwregels

8.1 Ondergronds bouwen
8.1.1 Algemeen
  • a. Ondergronds bouwen is alleen toegestaan onder gebouwen of in gronden aansluitend aan deze gebouwen.
  • b. De verticale diepte mag niet meer bedragen dan 4 meter.

Artikel 9 Specifieke gebruiksregels

9.1 Strijdig gebruik

Tot een strijdig gebruik met de bestemming wordt in ieder geval verstaan:

  • a. Het gebruiken van bouwwerken voor de huisvesting van arbeidsmigranten met uitzondering van maximaal vier arbeidsmigranten in één woning;
  • b. Het gebruik van gronden voor evenementen, behoudens voor zover rechtstreeks toegestaan;
  • c. Het gebruik van gronden als standplaats.

9.2 Huisvesting arbeidsmigranten
9.2.1 Algemeen

Met een omgevingsvergunning kan, in afwijking van het bepaalde in 9.1 onder a, de huisvesting van arbeidsmigranten worden toegestaan, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • a. ter plaatse van de huisvesting sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat (de bedrijfslocatie zelf maakt geen onderdeel uit van deze beoordeling);
  • b. er geen belemmeringen voor (ontwikkelingen van) omliggende (agrarische) bedrijven ontstaan;
  • c. de huisvesting voldoet aan het normenset Keurmerk SNF;
  • d. er voldoende parkeergelegenheid beschikbaar of realiseerbaar is.
    Uitgangspunt is de 'Regeling parkeernormen Deurne 2019' met dien verstande dat indien voornoemde beleidsregels worden gewijzigd, aan de hand van die nieuwe beleidsregels wordt bepaald of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid zoals die op het moment van de aanvraag geldt. Maar het is ook mogelijk dit aantoonbaar anders te regelen. Dit dient dan nader aangetoond en onderbouwd te worden.
  • e. de huisvesting mag niet leiden tot een onevenredige publieks- en/of verkeersaantrekkende werking in relatie tot de functie en aard van de omliggende weg(en);
  • f. bij tijdelijke huisvesting tevens wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 9.2.2 en bij structurele huisvesting aan het bepaalde in artikel 9.2.3.
9.2.2 Tijdelijke huisvestingsmogelijkheden

Voor de tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten moet tevens aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • a. de huisvesting vindt uitsluitend plaats bij een agrarisch bedrijf;
  • b. de huisvesting is noodzakelijk voor een doelmatige bedrijfsvoering vanuit het oogpunt van de opvang van de tijdelijke grote arbeidsbehoefte van dat bedrijf die wordt aangetoond met in ieder geval een onderbouwing waaruit de arbeidsbehoefte over de gevraagde periode naar voren komt;
  • c. de huisvesting vindt uitsluitend plaats in een tijdelijke huisvestingsvoorziening in de vorm van woonunits;
  • d. de woonunits worden maximaal 6 maanden per kalenderjaar gebruikt voor de huisvesting van arbeidsmigranten;
  • e. er is uitsluitend sprake van short-stay (arbeidsmigrant verblijft in een periode van 6 maanden maximaal 4 maanden per jaar in Nederland);
  • f. gedurende de periode dat de woonunits niet worden gebruikt voor de huisvesting van arbeidsmigranten worden deze verwijderd van het perceel (voor zover het geen vergunningsvrij bouwwerk betreft);
  • g. de woonunit is toegestaan op grond van de daarvoor van toepassing zijnde bouwregels.

 

9.2.3 Structurele huisvestingsmogelijkheden
  • a. Huisvesting op een locatie, niet zijnde een agrarische bedrijfslocatie

Voor de structurele huisvesting van arbeidsmigranten op een locatie, niet zijnde een agrarische bedrijfslocatie, moet tevens aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • 1. het maximale aantal te huisvesten personen is afgestemd op de omvang van de locatie, de ligging in zijn omgeving, de grootte van een bestaand pand, de bereikbaarheid van de locatie en parkeervoorzieningen;
  • 2. de afstand, gemeten vanuit het erf, tot andere grootschalige huisvesting voor arbeidsmigranten bedraagt:
    • a. tot 100 personen ten minste 250 meter
    • b. bij 100 personen of meer ten minste 500 meter
  • 3. beheer en toezicht dient op een adequate wijze geregeld te zijn met bij meer dan 10 personen in ieder geval één aanspreekpunt en 24 uur per dag bereikbaarheidsdienst;
  • 4. de bebouwing, met uitzondering van een bedrijfswoning, niet is gelegen op een bedrijventerrein met uitzondering van een bestaand op zichzelf stand kantoorpand;
  • 5. de omgevingsvergunning voor maximaal 10 jaar wordt verleend.

  • b. Huisvesting op een agrarische bedrijfslocatie

Voor de structurele huisvesting van arbeidsmigranten op een agrarische bedrijfslocatie moet tevens aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • 1. aangetoond moet worden dat het aantal te huisvesten arbeidsmigranten noodzakelijk is voor een goede bedrijfsvoering;
  • 2. het maximale aantal te huisvesten personen is afgestemd op de omvang en ligging van het gebouw, de bereikbaarheid van de locatie en parkeervoorzieningen;
  • 3. beheer en toezicht dient op een adequate wijze geregeld te zijn met bij meer dan 10 personen in ieder geval één aanspreekpunt en 24 uur per dag bereikbaarheidsdienst;
  • 4. in daltijden is de huisvesting van arbeidsmigranten die op een ander bedrijf werken toegestaan, met dien verstande dat in ieder geval nog altijd 25% van de arbeidsmigranten op het eigen bedrijf werkzaam is.
9.2.4 Strijdig gebruik

Als strijdig gebruik wordt aangemerkt de huisvesting van arbeidsmigranten in:

  • a. een caravan;
  • b. een recreatiewoning.

9.3 Parkeren
9.3.1 Bouwregels
  • a. De gronden zoals aangewezen in de verschillende bestemmingen mogen slechts worden bebouwd onder de voorwaarde dat op eigen terrein voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd en in stand wordt gehouden, alsmede dat voor het laden en lossen van goederen voldoende voorzieningen worden getroffen op eigen terrein.

  • b. Bij omgevingsvergunning om te bouwen wordt aan de hand van de 'Regeling parkeernormen Deurne 2019' bepaald of sprake is van voldoende parkeergelegenheid met dien verstande dat indien voornoemde beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, aan de hand van die nieuwe beleidsregels wordt bepaald of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid. 
9.3.2 Gebruiksregels
  • a. Als gebruik in strijd met de beheersverordening geldt het (veranderen van het) gebruik van gronden of bouwwerken, indien niet in voldoende mate parkeergelegenheid op eigen terrein wordt gerealiseerd en in stand wordt gehouden, alsmede voor het laden en lossen van goederen niet voldoende voorzieningen worden getroffen op eigen terrein, een en ander volgens de 'Regeling parkeernormen Deurne 2019' zoals vastgesteld op 19 november 2019 en opgenomen in Bijlage 1 bij de planregels.
  • b. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bestaand gebruik.
9.3.3 Binnenplanse afwijkbevoegdheid

Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in de artikelen 9.3.1 en 9.3.2 indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit en mits wordt voldaan aan de in de 'Regeling parkeernormen Deurne 2019' opgenomen voorwaarden voor afwijking, met dien verstande dat indien voornoemde beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, voldaan moet worden aan die nieuwe beleidsregels.

9.4 Evenementen
9.4.1 Algemeen

Met een omgevingsvergunning kunnen, in afwijking van het bepaalde in 9.1 onder b, evenementen worden toegestaan, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • a. er vinden op één locatie maximaal 4 evenementen per jaar plaats;
  • b. het maximaal aantal bezoekers per dag bedraagt 5000;
  • c. een evenement duurt maximaal 7 dagen, inclusief minimaal 4 dagen voor op- en afbouw;
  • d. het evenement begint niet eerder dan 9.00 uur en sluit niet later dan 2.00 uur;
  • e. de maximale gevelbelasting op 2 meter uit de gevel van een geluidsgevoelige object bedraagt:

Periode   Tijden   Maximale gevelbelasting1  
Dag   07.00-19.00 u   75 dB(A)   89 dB(C)  
Avond (zondag tot en met donderdag)   19.00-23.30 u   75 dB(A)   89 dB(C)  
Avond (vrijdag, zaterdag en op dagen voorafgaand aan een feestdag)   19.00-01.30 u   75 dB(A)   89 dB(C)  
Nacht (zondag tot en met donderdag)   23.30-07.00 u   45 dB(A)   59 dB(C)  
Nacht (vrijdag, zaterdag en op dagen voorafgaand aan een feestdag)   01.30-07.00 u   45 dB(A)   59 dB(C)  

  • f. in afwijking van het bepaalde onder e is met in-/afstemming met omwonenden en direct belanghebbenden een verhoging naar 80 dB(A) en 94 dB(C) op 2 meter uit de gevel van geluidgevoelig object aanvaardbaar;
  • g. voor op- en afbouwwerkzaamheden voldaan wordt aan de volgende regels:
    • 1. op- en afbouwwerkzaamheden mogen plaatsvinden tussen 08.00 uur en 20.00 uur;
    • 2. afbouw van elektronische apparatuur is toegestaan tot maximaal één uur na de eindtijd;
    • 3. het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau op de gevel van een geluidsgevoelig object mag niet meer bedragen dan 50 dB(A);
    • 4. het maximale geluidsniveau op de gevel van een geluidsgevoelig object mag niet meer bedragen dan 70 dB(A).
  • h. er een evenwichtige belangenafweging plaatsvindt, waarbij betrokken worden:
    • 1. de mate waarin waarden, die de bestemmingsomschrijving van de ter plaatse geldende bestemming beoogt te beschermen, kunnen worden geschaad;
    • 2. de mate waarin de belangen van gebruikers en/of eigenaren van de aanliggende gronden worden geschaad;
    • 3. de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de milieutechnische, de waterhuishoudkundige, de archeologische, de ecologische en de verkeerstechnische toelaatbaarheid;
  • i. de omgevingsvergunning voor maximaal 5 jaar wordt verleend.

9.5 Standplaatsen

9.5.1 Binnenplanse afwijkingsbevoegdheid

Met een omgevingsvergunning kan, in afwijking van het bepaalde in 9.1 onder c, een standplaats worden toegestaan, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • a. ter plaatse van woningen is sprake van een goed woon- en leefklimaat;
  • b. er ontstaan geen belemmeringen voor (de ontwikkeling van) omliggende bedrijven;
  • c. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de ecologische en landschappelijke waarden en kenmerken;
  • d. de ontwikkeling leidt niet tot een onevenredige publieks- en/of verkeersaantrekkende werking in relatie tot de functie en aard van omliggende wegen;
  • e. de verkeersveiligheid komt niet in het geding;
  • f. er wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Artikel 10 Overgangsrecht

10.1 Bouwwerken
  • a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van de beheersverordening aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
    • 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
    • 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.
  • b. In afwijking van het bepaalde onder a kan het bevoegd gezag eenmalig een omgevingsvergunning voor het bouwen verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a. met maximaal 10%.
  • c. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

10.2 Gebruik
  • a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van de beheersverordening en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
  • b. Het is verboden het met de beheersverordening strijdige gebruik, als bedoeld in het bepaalde onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
  • c. Indien het gebruik, als bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
  • d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met de voorheen geldende beheersverordening, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 11 Slotregel

Deze regels worden aangehaald als:

Regels van de beheersverordening 'Paraplu- en herstelbeheersverordening Deurne 2021'.