direct naar inhoud van Regels
Plan: Van der Horstweg 10 te 's-Gravenzande
Status: vastgesteld
Plantype: wijzigingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1783.abp00000010w01-VA01

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen

1.1 plan

het wijzigingsplan Van der Horstweg 10 te 's-Gravenzande met identificatienummer NL.IMRO.1783.abp00000010w01-VA01 van de gemeente Westland.

1.2 moederplan

de planregels van het bestemmingsplan 'Centrum 's-Gravenzande' met het indentificatienummer NL.IMRO.1783.abp00000010.

Artikel 2 Wijze van meten

Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:

2.1 afstand

de loodrechte afstand tussen bouwwerken onderling alsmede de afstand van bouwwerken tot perceelsgrenzen wordt daar gemeten waar deze afstand het kleinst is.

2.2 de bouwhoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouwd of een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.3 de bouwhoogte van een antenne-installatie
  • a. ingeval van een vrijstaande (schotel)antenne-installatie: tussen het peil en het hoogste punt van de (schotel)antenne-installatie;
  • b. ingeval van een op of aan een bouwwerk gebouwde (schotel)antenne-installatie: tussen de voet van de (schotel)antenne-installatie en het hoogste punt van de (schotel)antenne-installatie.
2.4 de breedte, lengte en diepte van een bouwwerk

tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels en het hart van de scheidsmuren.

2.5 de dakhelling

langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

2.6 de goothoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

2.7 de inhoud van een bouwwerk

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

2.8 de oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

2.9 buitenwerkse maat

maten buitenwerks, waarbij uitstekende delen van ondergeschikte aard tot maximaal 0,5 m buiten beschouwing blijven.

2.10 vloeroppervlakte

de gebruiksoppervlakte volgens NEN2580.

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Artikel 3 Verkeer - Verblijfsgebied

Om op dit perceel een appartementencomplex te realiseren moet de bestemming gewijzigd worden, met dit wijzigingsplan wordt de bestemming 'Bedrijf', functieaanduiding tot en met categorie B1 en een specifieke vorm van bedrijf - 1 gewijzigd naar de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' van bestemmingsplan Centrum 's-Gravenzande

Artikel 4 Gemengd - 2

Om op dit perceel een appartementencomplex te realiseren moet de bestemming gewijzigd worden, met dit wijzigingsplan wordt de bestemming 'Bedrijf', functieaanduiding tot en met categorie B1 en een specifieke vorm van bedrijf - 1 gewijzigd naar de bestemming Gemengd - 2 van bestemmingsplan Centrum 's-Gravenzande, waarvan de planregels deels worden aangepast:

4.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

a. het wonen;

b. maatschappelijke voorzieningen;

c. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen en water.

4.2 Bouwregels

Op deze gronden mag gebouwd worden en gelden de volgende regels:

4.2.1 Hoofdgebouwen
  • a. hoofdgebouwen worden binnen het bouwvlak gebouwd;
  • b. de bouwhoogte van gebouwen bedraagt ten hoogste de met de aanduiding 'maximale bouwhoogte (m)' aangegeven goothoogte;
  • c. de goothoogte van gebouwen bedraagt ten hoogste de met de aanduiding 'maximale goothoogte (m)' aangegeven goothoogte;
  • d. ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' worden woningen uitsluitend gestapeld gebouwd;
  • e. ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' worden naast de maatschappelijke voorzieningen uitsluitend gestapelde woningen gebouwd.
4.2.2 Aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen
  • a. het gezamenlijk oppervlak van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen op het erf bedraagt ten hoogste 50 % van het zij- en achtererf tot een maximum van 50 m2;
  • b. indien het zij- en achtererf een grotere oppervlakte heeft dan 100 m2 mag bij de maximale oppervlakte van 50 m2 een percentage van 10% van het meerdere worden opgeteld, tot een maximum van 75 m2;
  • c. de afstand van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen tot de voorgevel van het hoofdgebouw bedraagt ten minste 2 m;
  • d. indien niet in de erfscheiding wordt gebouwd bedraagt de afstand tot de erfscheiding ten minste 1 m;
  • e. de goothoogte van aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen bedraagt ten hoogste 0,3 m boven de vloer van de eerste verdieping van het hoofdgebouw op de aangrenzende gronden;
  • f. de bouwhoogte van aan-, uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen bedraagt ten hoogste 4 m;
  • g. de goothoogte van vrijstaande bijgebouwen/aangebouwde bijgebouwen bedraagt ten hoogste 3 m;
  • h. balkons mogen buiten het bouwvlak worden opgericht tot 2 meter;
  • i. de bouwhoogte van vrijstaande bijgebouwen bedraagt ten hoogste 5 m;
  • j. de bouwhoogte van overkappingen bedraagt ten hoogste 3 m;

4.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste:

  • a. van erfscheidingen tussen de voorgevelrooilijn en de openbare weg: 1 m;
  • b. van erfscheidingen elders: 2 m;
  • c. ter plaatse van de aanduiding (sba-1) een geluidscherm: 2,5 m;
  • d. van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde: 3 m.
4.3 Specifieke gebruiksregel

Met betrekking tot het gebruik gelden de volgende regels:

4.3.1 Voorwaardelijke verplichting

Onder strijdig gebruik wordt begrepen het gebruik van de gronden ten behoeve van het wonen overeenkomstig de bestemmingsregels, indien de onderstaande maatregelen niet zijn gerealiseerd:

  • a. Geluidisolatie van de gevel zodat er een binnen piekwaarde van 50dB(A) (inclusief ventilatie-eis Bouwbesluit):
  • b. Geluidabsorberende platen aan de onderzijde van de balkons gelegen boven geluidsgevoelige ruimtes aan de zijde van het kinderdagverblijf:
  • c. Een gesloten borstwering op de balkons aan de zijde van het kinderdagverblijf;
  • d. Geluidscherm van 2,5 meter hoog met een lengte van minimaal 45 meter en een massa van minimaal 10 kg/m2 ter plaatse van de aanduiding (sba-1).

 

4.3.2 Aan huis-gebonden-onderneming

de vloeroppervlakte ten behoeve van aan-huis-gebonden ondernemingen bedraagt ten hoogste 25% van de vloeroppervlakte van de hoofdgebouwen met een maximum van 50 m² voor zover:

  • a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft;
  • b. het gebruik niet leidt tot een onevenredige aantasting van de verkeersontsluiting en parkeersituatie ter plaatse;
  • c. geen gebruik wordt gemaakt van gevelreclame;
  • d. geen horeca en detailhandel plaatsvinden;
  • e. er geen ingevolge de Wet milieubeheer vergunningplichtige activiteiten plaatsvinden;
  • f. het beroep of de activiteit alleen door de bewoner wordt uitgeoefend.

Hoofdstuk 3 Overgangs- en slotregels

Artikel 5 Overgangsrecht

5.1 Overgangsrecht bouwwerken
  • 1. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
    • a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
    • b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan;
  • 2. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid 5.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 5.1.1 met
  • 3. maximaal 10%;
  • 4. Lid 5.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
5.2 Overgangsrecht gebruik
  • 1. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet;
  • 2. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 5.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind;
  • 3. Indien het gebruik, bedoeld in lid 5.2.1, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten;
  • 4. Lid 5.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 6 Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het wijzigingsplan 'Van der Horstweg 10 te 's-Gravenzande'