direct naar inhoud van Toelichting
Plan: Correctieve Herziening Nagtegael
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1731.CorHerNagtegael-VST1

Toelichting

Hoofdstuk 1 Inleiding

1.1 Aanleiding

Het voorliggende bestemmingsplan heeft betrekking op gronden die nu worden geregeld door het bestemmingsplan "Nagtegael". Voor bepaalde onderdelen blijkt het plan enkele onjuistheden te bevatten, die met de voorliggende bestemmingsplanherziening worden hersteld.

De aanpassingen betreffen het volgende:

  • het opschuiven van een grens tussen twee bestemmingen met een paar meter (op de verbeelding);
  • het opnemen van een maximum aantal wooneenheden voor twee bouwvlakken (op de verbeelding);
  • het verruimen van het maximum aantal aaneen te bouwen wooneenheden voor één bouwvlak (op de verbeelding);
  • in de regels het aanpassen van een bepaling en het toevoegen van een bepaling.

Op basis van het geldende bestemmingsplan zijn de voorgenomen aanpassingen niet mogelijk. Het geldende bestemmingsplan dient hiervoor herzien te worden. Het voorliggende bestemmingsplan is de juridisch-planologische regeling die de voorgenomen aanpassingen mogelijk maakt.

1.2 Het plangebied

Het plangebied betreft de gronden van de woonwijk Nagtegael en een aantal woningen aan Smalbroek en is gelegen aan de zuidzijde van de kern Beilen.

De plangrens betreft dezelfde plancontour als van het "moederplan" (oorspronkelijke) bestemmingsplan "Nagtegael". In het voorliggende bestemmingsplan worden alleen de bestemmingen opgenomen van de locaties waar daadwerkelijk een aanpassing plaatsvindt.

Op de afbeelding "Ligging plangebied" is de plangrens van het voorliggende bestemmingsplan opgenomen.

afbeelding "i_NL.IMRO.1731.CorHerNagtegael-VST1_0001.jpg"

Afbeelding: Ligging plangebied

1.3 De bij het plan behorende stukken

Het bestemmingsplan "Correctieve Herziening Nagtegael" bestaat uit de volgende stukken:

  • verbeelding, digitaal en analoog (plankaart schaal 1:1.000) (NL.IMRO.1731.CorHerNagtegael-VST1);
  • planregels.

De verbeelding geeft inzicht in de bestemmingen van de in het plangebied gelegen gronden en de daar te bouwen opstallen. Het plan kent een gedetailleerde planopzet.

In de toelichting op het plan zijn de aan het plan ten grondslag liggende gedachten en een beschrijving van de planopzet weergegeven. De beschrijving van de uitvoerbaarheid sluit de toelichting af.

Hoofdstuk 2 Beleidskaders

2.1 Algemeen

In dit hoofdstuk wordt in beginsel het relevante beleid op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau beschreven.

Aangezien het "moederplan" recentelijk is vastgesteld, wordt derhalve navolgend met een hyperlink verwezen naar dat bestemmingsplan: bestemmingsplan "Nagtegael".

Hoofdstuk 3 Onderzoek

3.1 Algemeen

Ingevolge artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening wordt in dit hoofdstuk een beschrijving opgenomen van het verrichte onderzoek naar ter zake doende feiten.

Aangezien het "moederplan" recentelijk is vastgesteld, wordt derhalve navolgend met een hyperlink verwezen naar dat bestemmingsplan: bestemmingsplan "Nagtegael".

Hoofdstuk 4 Het plan

Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in beperkte, kleinschalige aanpassingen van het geldende bestemmingsplan "Nagtegael".

Ten opzichte van het geldende plan wordt op de verbeelding een grens tussen twee bestemmingen een paar meter opgeschoven. Door deze wijziging kan de grond effectiever worden benut. Door de grens enkele meters te verschuiven kan op die plaats in het plangebied een extra woning worden gebouwd. Het aantal woningen in het gehele plan neemt echter niet toe, omdat het maximum aantal woningen binnen die bestemming onveranderd blijft.

Daarnaast zijn er op de verbeelding twee bouwvlakken waar geen maximum aantal wooneenheden is opgenomen en waar dit wel zou moeten, daarom is voor beide vlakken een maximum van 12 stuks opgenomen.

Verder is op de verbeelding een bouwvlak waarin het aantal aaneen te bouwen woningen wordt aangepast van 7 stuks naar 10 stuks. Op die plek blijft het maximum aantal woningen ongewijzigd.

Tevens is in de regels van 'Wonen - 3' een bepaling aangepast en een bepaling toegevoegd. In de bouwregels is het woord "diepte" vervangen door "breedte" (in het moederplan betreft dat artikel 12.2.1 sub g) en is daarbij ook toegevoegd dat indien de bestaande breedte meer bedraagt deze is toegestaan. Daarnaast is een bepaling toegevoegd die bepaalt dat de diepte van een hoofdgebouw maximaal 12 meter mag bedragen, dan wel de bestaande diepte indien deze meer bedraagt. Hierdoor zijn ook de afwijkingsregels aangepast, in verband met de verwijzingen.

De stedenbouwkundige uitgangspunten en ruimtelijke structuren, zoals beschreven weergegeven in bestemmingsplan "Nagtegael", blijven van toepassing.

Hoofdstuk 5 Toelichting op de planregels

Het plan is op verschillende manieren een partiële herziening. Dat betekent dat "Nagtegael" van 27 juni 2013 van toepassing blijft, behalve voor de onderdelen die in dit plan zijn opgenomen. In artikel 3 van de regels is de werking geregeld:

  • a. Op de plaats waar op de verbeelding de bestemming ' Wonen - 1 ' is opgenomen, treedt het onderhavige bestemmingsplan in de plaats van het bestemmingsplan "Nagtegael", met dien verstande dat de gebiedsaanduidingen uit het bestemmingsplan "Nagtegael" uit 2013 van toepassing blijven; het betreft de gebiedsaanduiding 'geluidzone - spoor'. Voor dit onderdeel blijft het plan 'Nagtegael' uit 2013 van toepassing.
  • a. Op de plaats waar op de verbeelding de bestemming ' Wonen - 3 ' is opgenomen, treedt het onderhavige bestemmingsplan in de plaats van het bestemmingsplan "Nagtegael", met dien verstande dat de gebiedsaanduidingen uit het bestemmingsplan "Nagtegael" uit 2013 van toepassing blijven; het betreft de gebiedsaanduidingen 'geluidzone - spoor' en 'veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen'. Voor deze onderdelen blijft het plan "Nagtegael" uit 2013 van toepassing.
  • b. Voor de gronden die in het bestemmingsplan "Nagtegael" de bestemming 'Wonen-3' hebben, worden de regels gewijzigd in de in Artikel 5 opgenomen regels voor ' Wonen - 3 '. In de bouwregels voor hoofdgebouwen:
    • 1. is een onderdeel g ingevoegd onder vernummering van de overige onderdelen;
    • 2. is in onderdeel h (eerst g) het woord 'diepte' veranderd in 'breedte' en is de bestaande breedte als maximale breedte toegevoegd voor de woningen met een grotere bestaande breedte.

De vernummering is verwerkt in de overige onderdelen.

Hoofdstuk 6 Economische uitvoerbaarheid

Exploitatieverplichting

Bij de voorbereiding van een ontwerpbestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in de plantoelichting van een bestemmingsplan minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Tevens is met de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening de verplichting ontstaan om, indien sprake is van ontwikkelingen waarvoor de gemeente redelijkerwijs kosten moet maken, bijvoorbeeld voor de aanleg van voorzieningen van openbaar nut, en de plankosten, deze moeten kunnen worden verhaald op de initiatiefnemer c.q. ontwikkelaar. Een en ander dient te worden vastgelegd in privaatrechtelijke overeenkomsten met iedere grondeigenaar. Als er met een grondeigenaar geen overeenkomst is gesloten en het kostenverhaal niet anderszins is verzekerd, dient een exploitatieplan te worden opgesteld welke tegelijkertijd met het bestemmingsplan moet worden vastgesteld.

Anterieure overeenkomst

In het kader van het "moederplan" is een anterieure overeenkomst gesloten tussen de gemeente en de ontwikkelaars. Deze blijft onverkort van kracht.

Conclusie

Gezien het voorgaande wordt het plan financieel uitvoerbaar geacht.

Hoofdstuk 7 Inspraak en overleg

7.1 Overleg

Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan moet overleg worden gepleegd met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn.

Het ontwerpbestemmingsplan is aan de daartoe aangegeven instanties toegezonden. De Provincie heeft inhoudelijk gereageerd en geeft aan dat er geen zaken van provinciaal belang in het plan zijn opgenomen.

7.2 Inspraak

Aangezien het voorliggende plan slechts en beperkte aanpassing betekent ten opzichte van het vastgestelde "moederplan" is afgezien van een inspraakprocedure en is direct het ontwerpbestemmingsplan ter visie gelegd.

maart 2016.