Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende voorwaarden:
- De afstand tot de as van de weg waaraan wordt gebouwd mag niet minder bedragen dan 15 m.
- De afstand van gebouwen tot de zijdelingse en achterste perceelsgrenzen mag niet minder bedragen dan 3 m.
12.2.2 Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende voorwaarden:
- De gezamenlijke oppervlakte mag niet meer bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding ‘maximum oppervlakte (m²)’.
- De goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding ‘maximale goot- en bouwhoogte (m)’.
- In afwijking van het bepaalde onder b. geldt dat gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'maximale bouwhoogte (m)' worden afgedekt met een plat dak, waarbij de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan het aangegeven maximum.
12.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende voorwaarden:
- De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m.
- De bouwhoogte van vlaggenmasten en antennes mag niet meer bedragen dan 8 m respectievelijk 15 m.
- De hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m.