direct naar inhoud van Artikel 11 Recreatie
Plan: Partiële herziening buitengebied Wisch 2009
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1509.BP000028-DE01

Artikel 11 Recreatie

11.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Recreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. recreatie;
  • b. een kampeerterrein uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'kampeerterrein';
  • c. een recreatiewoning ter plaatse van de aanduiding 'recreatiewoning';
  • d. een groepsaccomodatie ter plaatse van de aanduiding 'verblijfsrecreatie';
  • e. een bedrijfswoning ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning';
  • f. horeca als nevenactiviteit;
  • g. detailhandel als nevenactiviteit;
  • h. bijbehorende gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, sanitaire voorzieningen, voet- en fietspaden, parkeervoorzieningen, speelvoorzieningen, kunstwerken, water en voorzieningen voor de waterhuishouding, tuinen en erven en nutsvoorzieningen.
11.2 Bouwregels
11.2.1 Algemeen
11.2.2 Bedrijfsgebouwen
  • a. De goothoogte mag niet meer zijn dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goothoogte' is aangegeven;
  • b. De bouwhoogte mag niet meer zijn dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale bouwhoogte' is aangegeven.
11.2.3 Bedrijfswoningen
  • a. Bedrijfswoningen moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd;
  • b. De inhoud van een bedrijfswoning is maximaal 750 m3;
  • c. De goothoogte van bedrijfswoningen is maximaal 3,5 meter;
  • d. De bouwhoogte van bedrijfswoningen is maximaal 8 meter.
11.2.4 Bijbehorende gebouwen bij bedrijfswoningen
11.2.5 Bouwwerken geen gebouwen zijnde
  • a. De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen is maximaal:
    • 1. voor (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw 1 meter;
    • 2. achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw 2 meter;
  • b. De bouwhoogte van masten is maximaal 10 meter;
  • c. De bouwhoogte van speelvoorzieningen is maximaal 4 meter;
  • d. De bouwhoogte van overige bouwwerken geen gebouwen zijnde is maximaal 3 meter.
11.2.6 Recreatiewoningen
  • a. Recreatiewoningen moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd met de nadere functieaanduiding 'recreatiewoning';
  • b. De inhoud van een recreatiewoning is maximaal 200 m³;
  • c. De goothoogte van een recreatiewoning is maximaal 3 meter;
  • d. De bouwhoogte van een recreatiewoning is maximaal 5 meter.
11.2.7 Bijbehorende gebouwen bij een recreatiewoning
11.2.8 Ondergronds bouwen
  • a. Ondergronds bouwen is alleen toegestaan onder hoofd- en bijbehorende gebouwen;
  • b. Ondergronds bouwen is niet toegestaan onder recreatieverblijven, met uitzondering van funderingen en kabels en leidingen.
  • c. De verticale diepte is maximaal 3,50 meter.
11.3 Specifieke gebruiksregels
11.3.1 Horeca als nevenactiviteit
  • a. Horeca als nevenactiviteit is naar aard en omvang gelijk aan categorie I van de staat van Horeca-activiteiten;
  • b. De oppervlakte van de ruimte voor horeca is maximaal 30% van het bedrijfsvloeroppervlak met een maximum van 50 m2;
  • c. De activiteit moet worden uitgeoefend door de ondernemer van de bijbehorende hoofdactiviteit;
  • d. Een zelfstandige vorm van horeca is niet toegestaan.
11.3.2 Detailhandel als nevenactiviteit
  • a. De oppervlakte van de ruimte voor detailhandel is maximaal 30% van het bedrijfsvloeroppervlak met een maximum van 50 m2;
  • b. De activiteit moet worden uitgeoefend door de ondernemer van de bijbehorende hoofdactiviteit;
  • c. Een zelfstandige vorm van detailhandel is niet toegestaan.
11.3.3 Kampeerterrein
  • a. Een kampeerterrein biedt ruimte aan maximaal 25 kampeermiddelen;
  • b. Ten behoeve van het kamperen zijn alleen mobiele kampeermiddelen toegestaan;
  • c. Van 15 maart tot 31 oktober mag het kampeerterrein in gebruik worden genomen. Buiten deze periode dient het kampeerterrein volledig te worden ontruimd.
11.3.4 Uitsluiting permanente bewoning van recreatieverblijven

Onder verboden gebruik als bedoeld in artikel 7.10 eerste lid Wro wordt mede verstaan een gebruik van recreatiewoningen en stacaravans ten behoeve van permanente bewoning.