direct naar inhoud van Artikel 8 Gemengd - Buiten
Plan: Stadsrandgebied
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0995.BP00031-VG02

Artikel 8 Gemengd - Buiten

8.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd - Buiten' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. agrarische bedrijvigheid, met uitzondering van het houden van evenhoevigen, in de vorm van een grondgebonden agrarisch bedrijf;
  • b. productiegebonden detailhandel;
  • c. horeca categorie 1 en 2a;
  • d. dienstverlenende bedrijven en/of dienstverlenende instellingen;
  • e. maatschappelijke voorzieningen;
  • f. extensief dagrecreatief medegebruik;
  • g. kunstnijverheid en ateliers;
  • h. (woon) zorgboerderijen;
  • i. standplaats voor ten hoogste 25 kampeermiddelen in de periode van 15 maart t/m 31 oktober;
  • j. bedrijfswoningen, al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten, en/of in combinatie met een buidelwoning;

met de daarbijbehorende:

  • k. wegen, straten en paden;
  • l. parkeervoorzieningen;
  • m. groenvoorzieningen;
  • n. waterlopen en waterpartijen;
  • o. oevers en taluds;
  • p. tuinen, erven en terreinen;
  • q. bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
8.2 Bouwregels
8.2.1 Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen ten dienste van deze bestemming gelden de volgende regels:

  • a. de gebouwen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd;
  • b. de maximum goot-, bouwhoogte en het maximum bebouwingspercentage zal ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m) en het maximum bebouwingspercentage %' bedragen;
  • c. er mag ten hoogste één bedrijfswoning per bouwperceel worden gebouwd;
  • d. de inhoud van een bedrijfswoning mag niet meer dan 1.500 m³ bedragen;
  • e. de gezamenlijke oppervlakte van bij een zelfde bedrijfswoningen behorende bijgebouwen mag niet meer dan 100 m2 bedragen;

8.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:

  • a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen zal ten hoogste 2,00m bedragen;
  • b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zal ten hoogste 5,00 m bedragende;
  • c. in afwijking van het bepaalde onder b, zal de bouwhoogte van lichtmasten ten hoogste 6,00 m bedragen.
8.3 Afwijken van de bouwregels

Mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van:

  • a. het bepaalde in lid 8.2.1 ten behoeve van het oprichten van veldschuren en schuilgelegenheden buiten bouwvlakken met een oppervlakte van ten hoogste 100m2 per bedrijf, en een hoogte van ten hoogste 6,00m.
  • b. het bepaalde in lid 8.2.1, ten behoeve van het bouwen van binnen een zelfde bouwperceel ten hoogste één zelfstandige woonruimte, in of aan een bedrijfswoning, indien daarvoor dringende sociale redenen bestaan en vooraf vaststaat dat het tijdelijke huisvesting betreft. Voor het bouwen gelden de volgende bepalingen:
  • 1. de gezamenlijke oppervlakte van de betreffende bedrijfswoning en de bedoelde woonruimte mag niet meer dan 500 m² bedragen;
  • 2. de goothoogte en bouwhoogte van de bedoelde woonruimte mogen niet meer bedragen dan die van de betreffende bedrijfswoning, met dien verstande dat de bouwhoogte niet hoger mag zijn dan 10 m;
  • 3. op geen van de gevels van de bedoelde woonruimte mag, bij voltooiing, de geluidbelasting vanwege een weg of spoor de ter plaatse toegestane grenswaarde krachtens de Wet geluidhinder overschrijden;
  • 4. de verbouwing dient op een zodanige wijze te geschieden, dat de extra zelfstandige woonruimte in of aan de betreffende bedrijfswoning, bij beëindiging van de tijdelijke huisvesting, ongedaan kan worden gemaakt.
8.4 Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend:

  • a. het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor bewoning, aan-huis-verbonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten;
  • b. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten, zodanig dat de bedrijfsvloeroppervlakte:
  • 1. meer bedraagt dan 30% van de totale begane vloeroppervlakte van het hoofdgebouw, de aan- en uitbouwen en de aangebouwde bijgebouwen op het bouwperceel;
  • 2. meer bedraagt dan 100 m2 per bouwperceel, indien het een aan-huis-verbonden beroep betreft;
  • 3. meer bedraagt dan 50 m2 per bouwperceel, indien het kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten betreft;
  • c. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een aan-huis-verbonden beroep, kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten en/of een buidelwoning, zodanig dat dit leidt tot een onevenredige toename van de parkeerdruk;
  • d. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van 'horeca' over een oppervlakte van meer dan 250 m2 per bouwperceel;
  • e. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van 'detailhandel' en het gebruik van de gronden ten behoeve van 'productiegebonden detailhandel' over een oppervlakte van meer dan 100m2 per bouwperceel.
8.5 Afwijken van de gebruiksregels
  • a. Mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van:
  • 1. het bepaalde in lid 8.4 onder e, voor het gebruik van gronden ten behoeve van 'detailhandel en het gebruik ten behoeve van 'productiegebonden detailhandel' tot een oppervlakte van 200m2 per bouwperceel.
  • 2. het bepaalde in lid 8.1 voor het gebruik van bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatie (anders dan kamperen of bed & breakfast) met een gezamenlijke oppervlakte van maximaal 250m2 per bouwperceel;
  • b. Mits de volgende voorwaarden in acht worden genomen kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van het bepaalde in 8.1 voor het gebruik van bouwwerken ten behoeve van een bed & breakfast:
  • 1. maximaal acht slaapplaatsen in ten hoogste vier van elkaar afgescheiden ruimten voor nachtverblijf;
  • 2. de kamers deel uit maken van de bedrijfswoning, aanbouw of aangebouwde bijgebouwen;
  • 3. maximaal 30% van de bruto vloeroppervlakte van de bedrijfswoning, aanbouw of aangebouwde bijgebouwen per bouwperceel ingericht worden voor de voorziening;
  • 4. er op het eigen terrein voldoende parkeergelegenheid voor bezoekers aanwezig is, of dat uit een parkeeronderzoek blijkt dat er in de directe omgeving voldoende parkeerruimte is. De parkeernorm, zowel op eigen terrein als in de directe omgeving, is 1 parkeerplaats per gastenkamer;
  • 5. het uiterlijk van het betreffende hoofdgebouw niet wordt aangetast, waarbij reclame maximaal een oppervlakte van 0,5 m2 mag bedragen;
  • 6. de bed & breakfast dient door in ieder geval één bewoner van de woning te worden uitgeoefend.