direct naar inhoud van Regels
Plan: Buitengebied 2017, eerste herziening
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0770.BPB20171h0063-VAST

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder:

1.1 het plan:

het bestemmingsplan 'Buitengebied 2017, eerste herziening' met identificatienummer NL.IMRO.0770.BPB20171h0063-VAST van de gemeente Eersel.

1.2 bestemmingsplan:

de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand met de bijbehorende regels en bijlagen

1.3 solitaire recreatiewoning

recreatiewoning die geen deel uitmaakt van een verblijfsrecreatief terrein

Artikel 2 Toepassingsbereik

  • a. De verbeelding van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2017', zoals vastgesteld door de raad van de gemeente Eersel op 3 juli 2018, wordt herzien zoals aangegeven op de verbeelding van dit bestemmingsplan.

Voor het overige blijft de verbeelding van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2017' ongewijzigd van toepassing.

  • b. De regels van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2017' van de gemeente Eersel, zoals vastgesteld op 3 juli 2018, worden als volgt herzien:

  • A. Artikel 3.2.2 'Bebouwing binnen bouwvlak' wordt aangevuld met:

Lid e. de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen.
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • B. Artikel 3.6.4 'Afwijking recreatieve nevenactiviteiten' lid b komt als volgt te luiden:

verblijfsrecreatieve activiteiten zijn uitsluitend toegestaan in de vorm van vakantieappartementen, kamerverhuur, bed & breakfast e.d.; solitaire recreatiewoningen, kampeermiddelen en stacaravans zijn niet toegestaan;

  • C. Artikel 3.9.3 'Wijziging naar wonen' vervalt;

  • D. Artikel 4.2.2 'Bebouwing binnen bouwvlak' wordt aangevuld met:

Lid e. de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen.
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.
  • E. Artikel 4.6.3 'Afwijking recreatieve nevenactiviteiten' lid b komt als volgt te luiden:

verblijfsrecreatieve activiteiten zijn uitsluitend toegestaan in de vorm van vakantieappartementen, kamerverhuur, bed & breakfast e.d.; solitaire recreatiewoningen, kampeermiddelen en stacaravans zijn niet toegestaan;

  • F. Artikel 4.9.3 'Wijziging naar wonen' vervalt;

  • G. Artikel 5.2.2 'Bebouwing binnen bouwvlak' wordt aangevuld met:

Lid e. de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen.
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • H. Artikel 5.6.3 'Afwijking zorgverlenende nevenactiviteiten' lid komt als volgt te luiden:

de totale vloeroppervlakte van nevenactiviteiten bij het agrarisch bedrijf mag maximaal 1.000 m2 bedragen; de oppervlakte die nodig is voor het plaatsen van kampeermiddelen wordt hierbij niet meegerekend;

  • I. Artikel 5.6.4 'Afwijking recreatieve nevenactiviteiten' lid b komt als volgt te luiden:

verblijfsrecreatieve activiteiten zijn uitsluitend toegestaan in de vorm van vakantieappartementen, kamerverhuur, bed & breakfast e.d.; solitaire recreatiewoningen, kampeermiddelen en stacaravans zijn niet toegestaan;

  • J. Artikel 5.9.3 'Wijziging naar wonen' vervalt;

  • K. Artikel 6.2.7 'cultuurhistorische waarden' wordt toegevoegd en luidt als volgt:

de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen.
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • L. Artikel 6.6.4 'Afwijking recreatieve nevenactiviteiten' lid b komt als volgt te luiden:

verblijfsrecreatieve activiteiten zijn uitsluitend toegestaan in de vorm van vakantieappartementen, kamerverhuur, bed & breakfast e.d.; solitaire recreatiewoningen, kampeermiddelen en stacaravans zijn niet toegestaan;

  • M. Paragraaf 6.9 inclusief artikel 6.9.1 'Wijziging t.b.v. woondoeleinden' vervalt;

  • N. Artikel 7.1.2 a type bedrijf wordt aangevuld met:

De tabel wordt aangevuld met de volgende regel:

Stokkelen 5   'specifieke vorm van bedrijf – agrarisch technisch hulpbedrijf'   Agrarisch technisch hulpbedrijf, met dien verstande dat maximaal 200 m2 aan buitenopslag mag plaatsvinden.  

  • O. Artikel 7.2.7 'cultuurhistorische waarden' wordt toegevoegd en luidt als volgt:

de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen;
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • P. Artikel 7.6.4 'Afwijking recreatieve nevenactiviteiten' lid b komt als volgt te luiden:

verblijfsrecreatieve activiteiten zijn uitsluitend toegestaan in de vorm van vakantieappartementen, kamerverhuur, bed & breakfast e.d.; solitaire recreatiewoningen, kampeermiddelen en stacaravans zijn niet toegestaan;

  • Q. Paragraaf 7.8 inclusief artikel 7.8.1 'Wijziging t.b.v. woondoeleinden' vervalt;

  • R. Artikel 8.2.6 'cultuurhistorische waarden' wordt toegevoegd en luidt als volgt:

de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen;
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • S. Artikel 14.2.6 'cultuurhistorische waarden' wordt toegevoegd en luidt als volgt:

de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen;
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • T. Artikel 15.2.6 'cultuurhistorische waarden' wordt toegevoegd en luidt als volgt:

de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen;
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • U. Artikel 17.1.2 'nadere detaillering van de bestemming' wordt aangevuld met:

Schadewijk 23   'specifieke vorm van recreatie kijkboerderij varkensmuseum' en
'specifieke vorm van recreatie paardenstalling'  
Maximaal 1.500 m2 bebouwde oppervlakte bestaande uit:
Kijkboerderij en varkensmuseum met ontvangst- en speelruimte, terras en parkeervoorziening;
paardenstalling met bijbehorende voorzieningen zoals een rijbak en als ondergeschikte activiteit het geven van instructie aan ruiter en paard;
opslag  ten behoeve van bovenstaande bedrijfsvormen.  

  • V. Artikel 17.2.5a 'cultuurhistorische waarden' wordt toegevoegd en luidt als volgt:

de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen;
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • W. Artikel 17.27 Bouwregels Ter Spegelt lid c ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm recreatie - vakantiecentrum 2c' wordt het onderdeel bebouwde oppervlakte per bungalow als volgt:

ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' max. 90 m², geldend voor 50 bungalows, mits voldaan wordt aan de voorwaarden zoals gesteld in het beeldkwaliteitplan Bungalowpark TerSpegelt Postelseweg 185B Eersel van april 2015;

  • X. Artikel 17.2.7 Bouwregels Ter Spegelt lid c ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm recreatie - vakantiecentrum 2c' wordt als volgt aangepast:

De tabel wordt aangevuld met de volgende regel: overkappingen met een maximum oppervlakte van 15 m2 passend in het beeldkwaliteitplan Bungalowpark TerSpegelt Postelseweg 185B Eersel van april 2015.

  • Y. Artikel 17.4.4 'Grotere oppervlakte bungalows' vervalt;

  • Z. Artikel 17.5.1 'Strijdig gebruik' wordt als volgt aangevuld:

Lid j. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm recreatie - vakantiecentrum 4' het gebruiken van de gronden als standplaats voor kampeermiddelen.

  • AA. Artikel 24.2.6 'cultuurhistorische waarden' wordt toegevoegd en luidt als volgt:

de bestaande hoofdvorm (goothoogte, bouwhoogte, dakhelling en kapvorm) en gevelindeling, gelegen aan openbaar toegankelijk gebied dan wel de voorgevel, van beeldbepalende panden zoals aangeduid ter plaatse van de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden' dienen gehandhaafd te blijven.

  • 1. Een omgevingsvergunning voor bouwwerkzaamheden moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldbepalende waarden en hieraan door het stellen van nadere eisen niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen;
  • 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1 wordt niet eerder verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de monumentencommissie.

  • AB. Paragraaf 24.9 'Wijzigingsbevoegdheid' met artikel 24.9.1 'Wijziging t.b.v. splitsing cultuurhistorisch waarde volle panden' wordt toegevoegd en komt als volgt te luiden:

Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming van deze gronden wijzigen teneinde toevoeging van woningen door bouwkundige aanpassingen (splitsing) van bestaande (woon)boerderijen mogelijk te maken. Een en ander mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

  • a. de wijziging mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de omschreven waarden;
  • b. er moet sprake zijn van een milieu hygiënisch verantwoord woon- en leefklimaat;
  • c. het woon- en leefmilieu van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; dit betekent in ieder geval dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden beperkt;
  • d. de wijziging mag niet leiden tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende (agrarische) bedrijven, voortvloeiende uit de milieuwetgeving;
  • e. er is sprake van een zorgvuldige landschappelijke inpassing. Hiertoe kan de bestemming Artikel 12 Groen - Landschappelijke inpassing worden opgenomen en de eventueel aangrenzende bestemming Artikel 3 Agrarisch, 4 Agrarisch met waarden - Landschappelijke waarden of Artikel 5 Agrarisch met waarden - Landschappelijke en natuurlijke waarden;
  • f. er dient te worden voldaan aan de voorwaarden van de Afstemmingsnotitie Landschapsinvesteringsregeling De Kempen d.d. 24 augustus 2012 (Bijlage 2) of een vergelijkbaar door de gemeenteraad van Eersel vastgesteld document;
  • g. bij pand met een aanduiding cultuurhistorische waarden is een advies van de monumentencommissie vereist;
  • h. voor splitsing gelden de volgende voorwaarden:
    • 1. dit is uitsluitend toegestaan bij cultuurhistorisch waardevolle panden ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden';
    • 2. de inhoud van het hoofdgebouw vóór splitsing minimaal 700 m³ bedraagt;
    • 3. de bebouwde oppervlakte van de voormalige bedrijfswoning of (woon)boerderij (inclusief de inpandige stal / het inpandig deel) mag niet worden vergroot;
    • 4. de verschijningsvorm van het pand mag niet worden aangetast;
    • 5. de bestaande situering van de bebouwing mag niet worden gewijzigd;
    • 6. dat het hoofdgebouw in maximaal 2 woningen wordt gesplitst;
    • 7. er moet een onderzoek inventarisatie cultuurhistorische waarden aanwezig zijn, waarover advies is gevraagd aan de monumentencommissie;
  • i. de bebouwde oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 150 m² per woning, indien meer aanwezig is moet het meerdere gesloopt worden;
    • 1. sloop van cultuurhistorisch waardevolle en monumentale panden is niet toegestaan,
      • dit geldt ook voor bijbehorende bouwwerken die op basis van het onderzoek inventarisatie cultuurhistorische waarden als cultuurhistorisch waardevol worden beschouwd;
      • hiervoor wordt een aanduiding opgenomen om de totale cultuurhistorische waarden te beschermen;
    • 2. er kan een bebouwde oppervlakte van bijbehorende bouwwerken worden toegestaan tot een totaal maximum van 200 m², als
      • er sprake is van een zorgvuldige landschappelijke inpassing;
      • er dient te worden voldaan aan de voorwaarden van de Afstemmingsnotitie Landschapsinvesteringsregeling De Kempen d.d. 24 augustus 2012 (Bijlage 2) of een vergelijkbaar door de gemeenteraad van Eersel vastgesteld document;
    • 3. er kan een bebouwde oppervlakte van bijbehorende bouwwerken worden toegestaan tot een totaal maximum van 250 m², als:
      • er sprake is van een zorgvuldige landschappelijke inpassing;
      • er voldaan is aan de voorwaarden van de Afstemmingsnotitie Landschapsinvesteringsregeling De Kempen d.d. 24 augustus 2012 (Bijlage 2) of een vergelijkbaar door de gemeenteraad van Eersel vastgesteld document;
      • er sprake is van sloop van voormalige, legale bedrijfsgebouwen.

  • AC. Artikel 47.37 'overige zone – watergangen' wordt toegevoegd en luidt als volgt:

De voor 'overige zone - water' aangeduide gronden zijn mede bedoeld voor:

  • a. water en waterhuishoudkundige voorzieningen;
  • b. water met ecologische waarden;
  • c. voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, waterafvoer en waterberging;
  • d. waterstaatkundige kunstwerken, bruggen en andere waterstaatswerken;
  • e. beheer en onderhoud van de watergang;
  • f. beeldende kunstwerken
  • g. vijvers.

  • AD. Artikel 49.1 'Wijziging naar Wonen' wordt als volgt aangepast:

Burgemeesters en wethouders zijn bevoegd de bestemmingen 'Agrarisch', 'Agrarisch met waarden - Landschappelijke waarden', 'Agrarisch met waarden - Landschappelijke en natuurlijke waarden', 'Bedrijf', 'Bedrijf - Agrarisch verwant en technisch hulpbedrijf', 'Groen - Landschappelijke inpassing', 'Groen - Landschapselement', 'Horeca', 'Maatschappelijk' en 'Verkeer' te wijzigen in de bestemming 'Wonen' mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

  • a. agrarisch hergebruik is redelijkerwijs niet mogelijk;
  • b. het (agrarisch) bedrijf dient te zijn beëindigd;
  • c. de wijziging mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de omschreven waarden;
  • d. er moet sprake zijn van een milieu hygiënisch verantwoord woon- en leefklimaat;
  • e. het woon- en leefmilieu van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; dit betekent in ieder geval dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden beperkt;
  • f. de wijziging mag niet leiden tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende (agrarische) bedrijven, voortvloeiende uit de milieuwetgeving;
  • g. er is sprake van een zorgvuldige landschappelijke inpassing. Hiertoe kan de bestemming Artikel 12 Groen - Landschappelijke inpassing worden opgenomen en de eventueel aangrenzende bestemming Artikel 3 Agrarisch, 4 Agrarisch met waarden - Landschappelijke waarden of Artikel 5 Agrarisch met waarden - Landschappelijke en natuurlijke waarden;
  • h. er dient te worden voldaan aan de voorwaarden van de Afstemmingsnotitie Landschapsinvesteringsregeling De Kempen d.d. 24 augustus 2012 (Bijlage 2) of een vergelijkbaar door de gemeenteraad van Eersel vastgesteld document;
  • i. bij pand met een aanduiding cultuurhistorische waarden is een advies van de monumentencommissie vereist;
  • j. voor splitsing gelden de volgende voorwaarden:
    • 1. dit is uitsluitend toegestaan bij cultuurhistorisch waardevolle panden ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden';
    • 2. de inhoud van het hoofdgebouw vóór splitsing minimaal 700 m³ bedraagt;
    • 3. de bebouwde oppervlakte van de voormalige bedrijfswoning of (woon)boerderij (inclusief de inpandige stal / het inpandig deel) mag niet worden vergroot;
    • 4. de verschijningsvorm van het pand mag niet worden aangetast;
    • 5. de bestaande situering van de bebouwing mag niet worden gewijzigd;
    • 6. dat het hoofdgebouw in maximaal 2 woningen wordt gesplitst;
    • 7. er moet een onderzoek inventarisatie cultuurhistorische waarden aanwezig zijn, waarover advies is gevraagd aan de monumentencommissie;
  • k. de bebouwde oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 150 m² per woning, indien meer aanwezig is moet het meerdere gesloopt worden;
    • 1. sloop van cultuurhistorisch waardevolle en monumentale panden is niet toegestaan,
      • dit geldt ook voor bijbehorende bouwwerken die op basis van het onderzoek inventarisatie cultuurhistorische waarden als cultuurhistorisch waardevol worden beschouwd;
      • hiervoor wordt een aanduiding opgenomen om de totale cultuurhistorische waarden te beschermen;
    • 2. er kan een bebouwde oppervlakte van bijbehorende bouwwerken worden toegestaan tot een totaal maximum van 200 m², als
      • er sprake is van een zorgvuldige landschappelijke inpassing;
      • er dient te worden voldaan aan de voorwaarden van de Afstemmingsnotitie Landschapsinvesteringsregeling De Kempen d.d. 24 augustus 2012 (Bijlage 2) of een vergelijkbaar door de gemeenteraad van Eersel vastgesteld document;
    • 3. er kan een bebouwde oppervlakte van bijbehorende bouwwerken worden toegestaan tot een totaal maximum van 250 m², als:
      • er sprake is van een zorgvuldige landschappelijke inpassing;
      • er voldaan is aan de voorwaarden van de Afstemmingsnotitie Landschapsinvesteringsregeling De Kempen d.d. 24 augustus 2012 (Bijlage 2) of een vergelijkbaar door de gemeenteraad van Eersel vastgesteld document;
      • er sprake is van sloop van voormalige, legale bedrijfsgebouwen.

  • AE. Artikel 51.3.5 Specifieke vorm van wonen – 2 wordt toegevoegd:

Voor de gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - 2' geldt het volgende:

Het gebruik als woning mag worden voortgezet door diegene die het gebouw gebruiken als woning ten tijde van het van kracht worden van dit bestemmingsplan. Zodra het gebruik als woning door de bestaande gebruikers wordt beëindigd vervalt het recht op gebruik van dit deel van het gebouw als zelfstandige woning. Als bestaande gebruiker wordt aangemerkt de persoon/personen:

die op het moment van het van kracht worden van deze regels volgens de gemeentelijke basisadministratie van de gemeente Eersel als hoofdbewoner en diens partner staan ingeschreven op het betreffende adres;

of waarvan op een andere wijze vaststaat dat die op het moment van het van kracht worden van deze regels als de hoofdbewoner en diens partner zijn aan te merken.

Tevens kan het bevoegd gezag door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van een tweede woning, als voldaan wordt aan de volgende uitgangspunten:

  • er aangetoond wordt dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat;
  • de wijziging mag niet leiden tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende (agrarische) bedrijven, voortvloeiende uit de milieuwetgeving;
  • de inhoud van het hoofdgebouw vóór splitsing minimaal 700 m³ bedraagt;
  • de bebouwde oppervlakte van de voormalige bedrijfswoning of (woon)boerderij (inclusief de inpandige stal / het inpandig deel) mag niet worden vergroot;
  • de verschijningsvorm van het pand mag niet worden aangetast;
  • de bestaande situering van de bebouwing mag niet worden gewijzigd;
  • dat het hoofdgebouw in maximaal 2 woningen wordt gesplitst;
  • er moet een onderzoek inventarisatie cultuurhistorische waarden aanwezig zijn, waarover advies is gevraagd aan de monumentencommissie.

Aan bijlage 3 Landschappelijke inpassingen bij de regels worden de volgende inrichtingsplannen toegevoegd, zie bijlage bij deze regels:

  • a. Lantie 10-12
  • b. Oirschotsedijk 5A-5B
  • c. Schadewijk 23
  • d. Stokkelen 5, 7 en 7a
  • e. Stokkelen 60-66
  • f. Vondereind 4
  • g. Veneind 2

Voor het overige blijven de regels ongewijzigd van toepassing.

Hoofdstuk 2 Slotregel

Artikel 3 Slotregel

Deze regels kunnen worden aangehaald als:

Regels van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2017, eerste herziening'.