direct naar inhoud van 4.2 Bodem
Plan: Kadijkselaan-West
Status: vastgesteld
Plantype: wijzigingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0491.1231KDW01-va01

4.2 Bodem

Beleid en normstelling  

Op grond van het Bro dient in verband met de uitvoerbaarheid van een plan rekening te worden gehouden met de bodemgesteldheid in het plangebied. Bij functiewijzigingen dient te worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde functie en moet worden vastgesteld of er sprake is van een saneringsnoodzaak. In de Wet bodembescherming is bepaald dat indien de desbetreffende bodemkwaliteit niet voldoet aan de norm voor de beoogde functie, de grond zodanig dient te worden gesaneerd dat zij kan worden gebruikt door de desbetreffende functie (functiegericht saneren). Voor een nieuw geval van bodemverontreiniging geldt, in tegenstelling tot oude gevallen (voor 1987), dat niet functiegericht maar in beginsel volledig moet worden gesaneerd. Nieuwe bestemmingen dienen bij voorkeur te worden gerealiseerd op bodem die geschikt is voor het beoogde gebruik.

Onderzoek en conclusie

Uit het Bodemloket (www.bodemloket.nl) blijkt dat in de omgeving van het plangebied ernstige bodemvervuiling is aangetroffen. Mogelijk heeft dit ook geleid tot bodemvervuiling in het plangebied zelf. De voorgestelde ontwikkeling past niet in het vigerende bestemmingsplan, er is sprake van een functiewijziging van agrarische gebied naar een meer gevoelige woonfunctie.

afbeelding "i_NL.IMRO.0491.1231KDW01-va01_0006.png"

Figuur 4.1 Bodemkwaliteit (www.bodemloket.nl)

Vanwege de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreining is ter plaatse van het plangebied een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (AT Milieuadvies, rapportnummer 12261, januari 2013, zie Bijlage 3). Hieruit is gebleken dat er geen significante verontreiniging aanwezig is en er dus geen aanleiding bestaat voor de uitvoering van nader onderzoek of het nemen van saneringsmaatregelen. Zodoende staat het milieuaspect 'bodem' de ontwikkeling niet in de weg.