direct naar inhoud van 4.2 Dit bestemmingsplan
Plan: kernen Lathum, Angerlo en Giesbeek
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0299.BP99KERNENLAG-VA01

4.2 Dit bestemmingsplan

Dit bestemmingsplan bestaat uit een plankaart, planregels en een toelichting. De plankaart en de planregels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden gelezen en toegepast. Op de plankaart zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld.

De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan.

Hierna worden - voor zover nodig - de regels artikelsgewijs van een nadere toelichting voorzien.

Agrarisch

De gronden met een agrarisch gebruik gelegen in of nabij de bebouwde kom hebben de bestemming "Agrarisch" gekregen. De bestemming is zo beperkt mogelijk gehouden en wijkt af van de gebruikelijke bestemming "Agrarisch" in het buitengebied. Een aantal specifieke werken, geen bouwwerk zijnde en werkzaamheden zijn ter bescherming van de bestemming gekoppeld aan een verbod, met een omgevingsvergunningenstelsel. Een aantal zaken, zoals het normale onderhoud en gebruik, zijn uitgezonderd van het hiervoor genoemd verbod.

Binnen de bestemming is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen naar de bestemming "Groen". Hiervan kan gebruik worden gemaakt indien het agrarische gebruik is beëindigd en de gronden meer als groenvoorziening voor het stedelijk gebied in gebruik zijn.

Bedrijf

De bestaande bedrijven in het plangebied zijn bestemd in overeenstemming met de huidige bedrijfsactiviteiten. Omdat de bedrijven zijn gelegen in het bestaande stedelijk woongebied wordt op voorhand een niet te ruime bestemming opgenomen. Dat komt vooral tot zijn recht, indien de bedrijfsactiviteiten worden stopgezet en een andersoortig bedrijf zich wil vestigen. Vanwege de kwetsbaarheid van de omgeving is niet elk bedrijf geschikt voor vestiging. Er zal een afweging gemaakt moeten worden of vestiging uit planologisch oogpunt mogelijk is, waarna ontheffing kan worden verleend voor vestiging van het nieuwe bedrijf.

In de regels wordt verwezen naar de Staat van bedrijfsactiviteiten, zoals opgesteld door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Ten opzichte van de basislijst van de VNG heeft om planologische redenen een inperking van de Staat van bedrijfsactiviteiten plaatsgevonden.

In de eerste plaats is de categorie detailhandels- en horecabedrijven (m.u.v. catering) uit de Staat (SBI-code 52 en 55) weggelaten, omdat het niet gewenst is deze bij recht ter plaatse van de bedrijfsbestemmingen in het dorp toe te staan. Detailhandel dient plaats te vinden ter plaatse van de bestemming "Detailhandel".

De bestemmingsregeling voor "Bedrijf" laat wel detailhandel toe als ondergeschikt deel van het bedrijf vanuit het meest doelmatig gebruik. In de tweede plaats bevat de basislijst van de VNG ook enkele activiteiten, die naar hun aard niet thuis horen in de bestemming. Hierbij kan genoemd worden maatschappelijke dienstverlening en bepaalde sport- en recreatieactiviteiten. Deze categorieën bedrijfsactiviteiten zijn daarom geschrapt uit de bij de regels gevoegde "Staat van Bedrijfsactiviteiten". Dergelijke vestigingen en activiteiten krijgen over het algemeen een specifieke bestemming. In de derde plaats is het planologisch ondenkbaar, dat zich binnen een bedrijfsbestemming in het dorp/de wijk land- en tuinbouwers kunnen vestigen. De categorie land- en tuinbouw is ook grotendeels uit de "Staat van Bedrijfsactiviteiten" geschrapt. Van deze categorie zijn de meer industriële activiteiten wel gehandhaafd (hoveniersbedrijven). Tot slot is een aantal bedrijfsactiviteiten weggelaten, die in dit gebied niet relevant, danwel niet van toepassing zijn. Het gaat daarbij om de volgende bedrijfsactiviteiten: zeevaart, binnenvaart, visserij, luchtvaart en delfstoffenwinning.

Door middel van een wijzigingsbevoegdheid is het mogelijk om de "Staat van Bedrijfsactiviteiten" te actualiseren. Daarmee kan de Staat worden aangevuld met nieuwe bedrijfsactiviteiten, die nu (nog) niet op de lijst voorkomen, en die qua milieuhinder redelijkerwijs zijn te vergelijken met de wel op de lijst voorkomende bedrijfsactiviteiten. Tevens kan van deze bevoegdheid gebruik worden gemaakt om bepaalde bedrijfsactiviteiten qua milieuhinder lager in te schalen, indien is gebleken dat door toepassing van nieuwe technieken de milieubelasting van die activiteiten structureel lager is geworden.

Bos

De gronden met (hoog) opgaande afschermende beplanting en wat onder normale omstandigheden als bos wordt bestempeld heeft de bestemming "Bos" gekregen. Belangrijk binnen de bestemming is de bescherming, het behoud en het herstel van de aan deze gronden toegekende natuurwetenschappelijke en/of landschappelijke waarden. Een aantal werken, geen bouwwerk zijnde en werkzaamheden zijn ter bescherming van de bestemming gekoppeld aan een verbod, met een omgevingsvergunningenstelsel. Bepaalde zaken, zoals het normale onderhoud en gebruik, zijn uitgezonderd van het hiervoor genoemde verbod.

Gemengd

In het plangebied komen enkele locaties voor met de bestemming "Gemengd". De bestemming bij deze functie is een zogenaamde "mengbestemming", wat inhoudt dat er meerdere functies kunnen voorkomen en dat deze onderling uitwisselbaar zijn. De functies die kunnen voorkomen zijn detailhandel, publieke dienstverlening en wonen. Wonen is enkel op de verdiepingen mogelijk, met uitzondering van een bedrijfswoning.

Groen

Het groen met een meer structureel karakter (structuurgroen) is vastgelegd in de meer specifieke bestemming "Groen". Daarin zijn opgenomen grasvelden, opgaande beplanting, speelplaatsen en de diverse in het groen aanwezige voet- en fietspaden. Het is mogelijk ontheffing te verlenen voor verhardingen ten behoeve van parkeerplaatsen, indien de behoefte daaraan op of rond de daartoe aangewezen plaats is aangetoond. Uitgangspunt bij deze ontheffingsmogelijkheid is echter, dat het structurele karakter van de groenzones gehandhaafd moet blijven. Bijvoorbeeld dat in visueel opzicht sprake moet zijn van een ononderbroken verbinding met een voldoende breedte. Water en voorzieningen voor de waterhuishouding maken onderdeel uit van deze bestemming en mogen dus direct aangelegd worden.

Horeca

Binnen de bestemming "Horeca" mogen de functies hotel, restaurant en café voorkomen. Daarbij is wel bepaald dat vormen van horeca met een grote ruimtelijke uitstraling niet zijn toegestaan. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een discotheek. Om misverstanden te voorkomen is bij de begrippen in artikel 1 opgenomen wat onder "horeca" wordt verstaan. Om te voorkomen dat andere functies zich vestigen op een locatie, zijn de uitzonderingen specifiek aangeduid.

Maatschappelijk

Alle bestaande maatschappelijke voorzieningen zijn bestemd tot "Maatschappelijk". Om te voorkomen dat de nutsvoorzieningen en de begraafplaatsen vervangen worden door "zwaardere" maatschappelijke functies zijn deze functies specifiek aangeduid. In het plan is een ontheffingsmogelijkheid opgenomen, zodat op de begraafplaatsen nog bergingen en stallingen gebouwd kunnen worden.

Verkeer

De wegen in het plangebied met een stroomfunctie voor het verkeer zijn bestemd tot "Verkeer". Zowel de rijbaan zelf, als de bermen, parkeermogelijkheden en de fiets- en voetpaden zijn binnen de bestemming opgenomen. Bij herinrichting moet rekening worden gehouden met het aantal rijstroken (eisen Wet geluidhinder).

Water en voorzieningen voor de waterhuishouding maken onderdeel uit van deze bestemming en mogen direct aangelegd worden.

Verkeer - Verblijfsgebied

Alle overige wegen zijn bestemd tot "Verkeer - Verblijfsgebied". Deze wegen hebben allen een functie voor het bestemmingsverkeer in de wijk. In deze bestemming is een groot deel van de openbare straatruimte rond de woningen vastgelegd: behalve de wegen zijn veelal ook de aansluitende trottoirs, parkeerstroken en stroken (blok-)groen in deze bestemming opgenomen. Water en voorzieningen voor de waterhuishouding maken onderdeel uit van deze bestemming en mogen direct aangelegd worden.

Water

De waterpartijen, waarvan het behoud gewaarborgd dient te worden, zijn specifiek bestemd tot "Water".

Wonen (en Tuin)

De woonpercelen in het plangebied zijn voorzien van de bestemming "Wonen" en de bestemming "Tuin". In de bestemming "Wonen" is voorts een bouwvlak opgenomen. In dat bouwvlak mag het hoofdgebouw worden gebouwd (onder bepaalde kenmerken). Er zijn specifieke kenmerken opgenomen voor het erbuiten mogen bouwen van aan- uit en bijgebouwen.

De bestemming "Tuin" hoort bij het woonperceel. In die bestemming is het niet toegestaan gebouwen of bouwwerken, geen gebouw zijnde te bouwen, behoudens vergunningsvrije bouwwerken zoals muurtjes en dergelijke, als ook een erker en andere vergelijkbare (kleine) gebouwtjes aan de voorzijde van een woning.

Het inrichten en gebruiken van de woning met aan-, uit- en bijgebouwen als praktijkruimte voor zogenaamde aan huis gebonden beroepen, zoals arts, tandarts, administrateur, verzekeringstussenpersoon, kunstenaar en notaris, wordt in de jurisprudentie als meest doelmatig gebruik aangemerkt en als recht toegestaan. Voorwaarde is dat de op wonen gerichte functie van de betreffende bebouwing in redelijke mate intact blijft. Voor bedrijfsactiviteiten aan huis is een ontheffingsmogelijkheid opgenomen, mits aan een aantal specifieke voorwaarden wordt voldaan.

Waarde - Archeologie

Via dit artikel wordt een aanlegstelsel opgelegd voor het verrichten van bodemingrepen. Al naar gelang de diepte en omvang van een ingreep is, afhankelijk van de mogelijke waarde van die locatie op het gebied van de archeologie, een omgevingsvergunning nodig.

Waterstaat - Waterkering

Via dit artikel wordt een aanlegstelsel opgelegd voor het verrichten van activiteiten in / direct nabij de dijk die in het plangebied ligt.

Anti-dubbeltelregel

Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te kunnen voorkomen. Dit kan zich voordoen indien een deel van een bouwperceel dat al bij de berekening van een maximum bebouwingspercentage was betrokken wederom, nu ten behoeve van de berekening van het maximum bebouwingspercentage van een ander bouwperceel als basis wordt genomen.

Algemene bouwregels

Binnen dit artikel zijn enkele specifieke regels opgenomen voor wat betreft afwijkingen in de bouw en afwijkingen in het bestaand bebouwingspercentage.

Algemene gebruiksregels

Voor de redactie van de gebruiksregels is de algemene formulering aangehouden. In ieder geval is aangegeven wat gezien moet worden als strijdig gebruik. Ook is aangegeven wat gezien kan worden als toegestaan gebruik van de bestemming.

Algemene aanduidingsregels

In dit artikel is de aanduiding 'vrijwaringszone - molenbiotoop' opgenomen. De aanduiding heeft betrekking op meerdere bestemmingen.

Voor een molen is voldoende vrije windvang belangrijk. Om dat belang te beschermen wordt er aan de omgeving van de molen een bouwbeperking opgenomen. Die bouwbeperking houdt in dat voordat gebouwd/verbouwd mag worden ook aan de belangen van de molen moet worden gedacht. Daarom is er een zone opgenomen rondom een molen: de molenbiotoop. Deze biotoop kent een straal van 400 m. Door toepassing van een formule is te berekenen hoe de obstakelhoogte (het gewenste bouwplan) zich verhoudt tot de afstand tot de molen en op die manier de invloed van het obstakel op de windvang. Zo wordt het belang van het bouwplan afgewogen tot het belang van de molen. Bij de afweging tot welke hoogte er gebouwd kan worden, mag daarbij rekening gehouden worden met de al aanwezige tussenliggende bebouwing.

De formule luidt als volgt: Hx = X/n + c * z:

  • Hx de hoogte van obstakel x is
  • X de afstand van x tot de molen is
  • n een constante (voor open gebied 140, voor ruw gebied 75, voor gesloten gebied 50)
  • c een constante van 0,2
  • z askophoogte van de molen

Voor de enige molen in dit bestemmingsplangebied waarvoor de Molenbiotoop van toepassing is geldt n = 50 (gesloten gebied) en een askophoogte van 13,45m. De formule wordt dan Hx = X/50 +0,2*13,45 oftewel Hx = X/50 + 2,69.

Een woning van één laag met een kap van 5 m hoog op een afstand van 200 m die volgens de bestemming "Wonen" tot twee lagen met kap mag worden uitgebouwd met een kap op 9m mag dan ingevolge de molenbiotoop 200/50+ 2,69 = 4 + 2,69 = 6,69m hoog worden. Het bouwrecht uit de bestemming "Wonen" wordt in dit voorbeeld dus ingeperkt door de dubbelbestemming. Zou, in dit voorbeeld, deze woning op 350m hebben gelegen mocht ze 350/50 + 2,69= 9,69m hoog bouwen en volgen er uit de molenbiotoop geen beperkingen meer aan de hoogte die gegeven is in de bestemming "Wonen". Voor gebouwen die al hoger zijn dan volgens de formule zou mogen geldt dat deze zo hoog mogen blijven en ook na een verbouwing zo hoog mogen blijven.

In dit artikel komen ook een tweetal voorzieningen voor die verspreid over het plangebied voorkomen. Het zijn de garageboxen en nutsvoorzieningen. Deze functies krijgen een bestemming die het meest aansluit bij de bestemming in de omgeving. Dat kan dus zowel Groen zijn, als Wonen of Verkeer of welke bestemming dan ook. Via de aanduiding voor de garagebox / nutsvoorziening wordt bepaald dat deze functie daar expliciet ook mag zijn. Daarbij wordt ook een bouwhoogte vastgelegd tot maximaal 3m. In de begripsbepalingen staat omschreven wat een garagebox is.

Algemene ontheffingsregels

In dit artikel is een aantal regels opgenomen teneinde het mogelijk te maken dat het plan op ondergeschikte punten wordt aangepast.

Overige regels

Teneinde discussies te voorkomen is expliciet aangegeven dat daar waar naar een wettelijke regeling wordt verwezen, dit de regeling betreft zoals die luidt op het moment van vaststelling van het bestemmingsplan.

Overgangsrecht

Bebouwing die niet voldoet aan de regels van dit bestemmingsplan ten tijde van de inwerkingtreding, dan wel bebouwing die krachtens een omgevingsvergunning kan worden gebouwd, en afwijkt van het plan is onder het overgangsrecht geplaatst. Een geringe uitbreiding van de inhoud wordt mogelijk gemaakt. Indien de onder het overgangsrecht gebrachte bebouwing door een calamiteit verloren gaat, is volledige herbouw toegestaan. "Illegaal" tot stand gekomen bebouwing valt in beginsel niet onder het overgangsrecht.

Het legale gebruik van gronden en opstallen dat in strijd is met dit bestemmingsplan op het tijdstip van inwerkingtreding, mag worden voortgezet. Wijziging van dit strijdige gebruik is verboden, indien de afwijking van het plan wordt vergroot.